25 augustus 2013

Concert 22 augustus 2013


Donderdag 22 augustus 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Daniele Gatti
Yefim Bronfman, piano

Lutoslawski: Musique funébre
Bartók: Pianoconcert nr. 3
Prokofiev: Delen uit Romeo en Julia

Warme zonnige zomers zijn altijd fijn, maar als aan het einde van augustus het concertseizoen begint en het KCO weer voltallig op het podium zit, geeft dat toch ook een gelukkig gevoel. Ik heb lang getwijfeld of ik voor dit ogenschijnlijk niet al te soepele programma een kaartje zou kopen, maar de lange onderbreking sinds het vorige concert dwong me naar de Grote Zaal. Ik werd bepaald niet teleurgesteld, integendeel. Dit was gewoonweg een prachtige avond, met boeiende stukken en met een orkest dat als volledig ingespeeld klonk. De treurmuziek van Lutoslawski bleek een krachtig stuk voor een flink ensemble strijkers, dat breekbaar begon, steeds verder uitdijde en uiteindelijk weer wegstierf. Heerlijk hoe de KCO-strijkers zich lieten gaan! Het derde pianoconcert van Bartók is eigenlijk zijn meest toegankelijke en ook wel zijn mooiste. In de eerste twee delen buitelen orkest en pianist subtiel over elkaar heen. Bronfman en het orkest maakten er een fijnzinnig onderling spelletje muzikaal kietelen van. Bronfman heeft een gigantische lichaamsomvang, maar hij beweegt zijn vingers over de toetsen als het lieftalligste meisje. Na de pauze een ruime selectie van ongeveer een uur uit Prokofievs balletmuziek van Romeo en Julia. Ook Prokofiev is in dit stuk op zijn toegankelijkst. Bijzonder fraai en virtuoos gespeeld allemaal, onder leiding van een bezielende Gatti, met groot publieke bijval na afloop. Lekker begin zo!

28 juli 2013

Stilte

Weblogs behoren bijgehouden te worden, maar ik heb even geen nieuwe concerten of operavoorstellingen te melden. De laatste was alweer ruim een maand geleden, en de eerstvolgende staat pas op 12 september gepland. Misschien doe ik hier intussen nog wel een uitstapje naar een cd-bespreking of een greep uit de oude doos, maar verder is het even doorbijten deze zomer :-)

16 juni 2013

Opera 13 juni 2013


Donderdag 13 juni 2013, Het muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera

Wagner: Die Meistersinger von Nürnberg

Sachs - James Johnson
Pogner - Alastair Miles
Beckmesser - Adrian Eröd
Kothner - Thomas Oliemans
Walther von Stolzing - Roberto Saccà
David - Thomas Blondelle
Eva - Agneta Eichenholz
Magdalene - Sarah Castle
Koor van de Nederlandse Opera
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht

Binnen een week na mijn eerste bezoek nu de tweede keer naar Die Meistersinger. Het orkest was duidelijk wat meer vergroeid met het stuk; verder liet de uitvoering dezelfde indruk na. Wat een heerlijk stuk is deze opera toch. Hoe alle lijnen aan het slot van de eerste akte bijeenkomen: meesterlijk. De nachtelijke intimiteit aan het begin van de tweede, de wijze waarop aan het einde van dat tweede bedrijf dat stomme liedje van Beckmesser uitgroeit tot een heerlijke inhaker en daarna het chaotische volksoproer, en in de derde akte de prelude, de Wahn-vertelling van Sachs, zijn verwijzing naar Tristan und Isolde en de positie van koning Marke, het kwintet en alles wat erna volgt: het is Wagner op zijn best. Verder situeert hij in het laat-middeleeuwse Neurenberg een verhaal dat veel tijdloze elementen in zich draagt en dus ook nu nog voldoende inhoudelijke kracht bezit. Tja, een geweldige opera!

Opera 7 juni 2013


Vrijdag 7 juni 2013, Het muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera

Wagner: Die Meistersinger von Nürnberg

Sachs - James Johnson
Pogner - Alastair Miles
Beckmesser - Adrian Eröd
Kothner - Thomas Oliemans
Walther von Stolzing - Roberto Saccà
David - Thomas Blondelle
Eva - Agneta Eichenholz
Magdalene - Sarah Castle
Koor van de Nederlandse Opera
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht

Sommige recensenten konden de humor in dit werk niet waarderen (of herkenden die blijkbaar niet eens), maar ik vind het een van de grappigste opera's die er zijn. Het is allemaal uiterst subtiel en perfect gedoseerd, want er komt ook een hoop dramatiek en filosofie in voor. De teksten in deze opera doen er veelal toe, ondanks die laatste minuten waarin de Duitse kunst wel erg opvallend opgehemeld wordt. Maar goed, Die Meisersinger is een favoriete opera en deze nieuwe productie is weliswaar niet op alle fronten geslaagd maar interessant genoeg. De regie van David Alden is er niet eentje voor de eeuwigheid, maar brengt wel enkele ijzersterke gezichtspunten. De uitbeelding van Beckmesser als verwaande dandy is meesterlijk, evenals de visuele gelaagdheid in de eerste en tweede akte. Het slot daarvan had wat minder statisch gemogen en ook het feest aan het einde van het derde bedrijf had losser en minder karikaturaal gekund. Maar je kijkt wel je ogen uit; sowieso positief is dat Alden de verhaallijn volgt en uitbeeldt. De zangers presteerden goed maar niet uitzonderlijk. James Johnson imponeert niet echt als Hans Sachs; volgens mij is hij aan het einde van zijn carrière beland. Zijn innemende uitbeelding vergoedt wel veel (maar hoe jammer dat Robert Holl hier nu niet eens stond). Roberto Saccà zingt een prima Stolzing en Eichenholz is een zeer fraaie Eva. In het orkest zat bij deze tweede uitvoering van de reeks nog niet alles perfect in de vingers, maar de balans met de zangers en het koor was goed. Geen ultiem perfecte Meistersinger, maar  ik heb de ruim vier uren muziek geboeid doorgebracht.

14 juni 2013

Concert 30 mei 2013


Donderdag 30 mei 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Iván Fischer

Beethoven: Symfonie nr. 4
Beethoven: Symfonie nr. 3

Drie weken na zijn prachtige eerste concert in zijn Beethoven-cyclus met het KCO een minstens zo geweldig vervolg met de Derde en Vierde. Het is natuurlijk onzinig om hier het meesterlijke van die symfonieën te beschrijven. Woorden schieten per definitie tekort. Hoe geniaal en bekend die Eroïca ook is, de Vierde is me minstens zo dierbaar; ik denk dat ik deze symfonie al veel eerder leerde kennen dan die Derde. De langzame inleiding van het eerste deel is een mysterie, en mag eigenlijk niet de start van een concert vormen. De boel zit koud binnen moet er nog even inkomen, en dan meteen de drie meest diepzinnige muzikale minuten van de hele avond. Het is een van de weinige stukjes muziek waar het thuisbeluisteren het wint van de concertzaal. Maar goed, de rest van die Vierde is evenzeer niet te versmaden, en Fischer en het KCO gaven een geweldige uitvoering, vol detailwerking, finesse en virtuositeit. Ik zat op het puntje van mijn stoel! Na de pauze de Eroïca, tja, wat wil je nog meer? Het is een stuk van bijna een uur en combineert emotie, architectuur en persoonlijkheid. Ook hier bleek Fischer een groot dirigent; alleen Harnoncourt bracht lang geleden eens een hemelbestormender uitvoering. Ik kijk al uit naar de twee concerten met de laatste vier symfonieën, begin 2014. De kaartjes zijn in huis.

Opera 26 mei 2013


Zondag 26 mei 2013, Het Muziektheater
De Nederlandse Opera

Verdi: La traviata

Violetta - Joyce el Khoury
Alfredo - Ismael Jordi
Germont - Dimitris Tiliakos
Koor van de Nederlandse Opera
Radio Kamer Filharmonie o.l.v. Giuliano Carella

Ruim een week na mijn vorige bezoek nog eens naar de Traviata. Het was gewoon precies even goed als de keer ervoor. Prima zangers, een dirigent die het idee logenstrafte dat we deze muziek zo onderhand wel van noot tot noot meenden te kennen, en een enscenering waarvan weinigen het ermee oneens zullen zijn wanneer deze tot gouden standaard wordt verheven. La traviata is een onbetwist meesterwerk. Misschien zit ik er helemaal naast, maar de ijle strijkersklank die Verdi in de ouverture realiseert, en al helemaal in de inleiding tot de derde akte, deed me opeens denken aan die van Lohengrin van Wagner. Beide opera's onstonden kort na elkaar: Lohengrin werd in 1850 voor het eerst uitgevoerd, La traviata in 1854. Het zou me niets verbazen wanneer Verdi door Lohengrin op een muzikaal idee kwam. Inhoudelijk is er geen enkele overeenkomst tussen beide opera's, maar die sfeer in de ouvertures vind ik opmerkelijk overeenstemmen.

20 mei 2013

Opera 17 mei 2013


Vrijdag 17 mei 2013, Het Muziektheater
De Nederlandse Opera

Verdi: La traviata

Violetta - Joyce el Khoury
Alfredo - Ismael Jordi
Germont - Dimitris Tiliakos
Koor van de Nederlandse Opera
Radio Kamer Filharmonie o.l.v. Giuliano Carella

Voor deze avond was sowieso Joyde el Khoury gecast; ze zou twee van de tien voorstellingen de titelrol overnemen van Marina Poplavskaja, die na de première vocaal ingestort schijnt te zijn, en nu alle resterende voorstellingen aan El Khoury overlaat. Hoe geweldig Poplavskaja tijdens de eerste voorstellingenreeks in 2009 ook zong en acteerde (zie hier de weblog), El Khoury kwam aardig bij haar in de buurt. Aanvankelijk vreesde ik dat ze de rol niet helemaal aan zou kunnen, maar dat bleek onterecht. Ze zong bijzonder krachtig en zuiver, en acteerde perfect. Het was wederom een ijzersterke Traviata, deze door Willy Decker geënsceneerde productie. Minimale middelen, maximale zeggingskracht. Ismael Jordi zong beter dan in 2009 en Tiliakos imponeerde als vader Germont. De grootste openbaring vond ik echter de dirigent. De uit de Italiaanse provincie gehaalde Carella had de zaak strak in de hand, maar bracht een fantastische orkestrale detailwerking aan. Ik hoorde details die ik nog nooit eerder hoorde; alleen al de ouverture werd prachtig gespeeld. De timing met de zangers en het koor was perfect, en de Radio Kamer Filharmonie speelde alsof ze nooit anders dan opera deed. Een geweldige Traviata.

Opera 12 mei 2013

Zondag 12 mei 2013, Het Muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera

Wagner: Die Walküre

Siegmund - Christopher Ventris
Sieglinde - Catherine Naglestad
Hunding - Günther Groissböck
Brünnhilde - Catherine Foster
Wotan - Thomas Johannes Mayer
Fricka - Doris Soffel
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Hartmut Haenchen

De tweede keer van deze laatste voorstellingenreeks. Evenals in januari bij de reeks van Das Rheingold zat deze tweede keer (meteen ook de laatste van de reeks) helemaal goed in de verf. De zangers wilden er duidelijk nog één keer iets goed van maken, en Haenchen en het orkest wilden niet voor hen onderdoen. Doris Soffel was wederom ijzersterk als Fricka, en Ventris en Naglestad een subliem Wälsumgenpaar. Gewoon wederom een grootse operabeleving. Misschien dat ik volgend jaar, wanneer deze Audi-ring twee keer in een week volledig wordt gebracht, deze Walküre eruit pik om nog eens te zien en te horen.

12 mei 2013

Foto


Mijn ouders hebben een boek van Jan Romein: Op het breukvlak van twee eeuwen. Daarin een prachtige foto van de grote zaal van het Concertgebouw, genomen ergens voor of vlak na 1900. Ik kopieerde de foto met mijn iPhone. Tafeltjes en stoeltjes, mannen en vrouwen, daglicht. Geen concert waarschijnlijk, maar zo werden ze toen wel gegeven. Op de balkonrand nog geen namen van de componisten. Mahler moest nog komen, in het echt... Klik erop, daarna nog eens, en de foto verschijnt in het groot. Te mooi om hier niet te delen.

Concert 10 mei 2013

Vrijdag 10 mei 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Iván Fischer

Beethoven: Symfonie nr. 1
Beethoven: Symfonie nr. 2
Beethoven: Symfonie nr. 5

Iván Fischer dirigeert verspreid over twee seizoenen bij het KCO een heuse Beethoven-cyclus met de negen symfonieën; dit was het eerste concert. Enkele jaren geleden dirigeerde hij al de Achtste symfonie (zie hier de weblog daarvan) en blijkbaar smaakte die uitvoering het orkest naar meer. Inderdaad, Fischer heeft een boeiende kijk op deze gigant, die als een 'soort van' synthese tussen de 'traditionele' en 'authentieke' uitvoeringspraktijk gekarakteriseerd kan worden. Spannende uitvoeringen dus, die bovenal de kracht, originaliteit en het meesterlijke van Beethoven onderstrepen. Want daar genoot ik vanaf de eerste rij van het podium het meest van: Beethoven!
Fischer sprak na de uitvoering van de Eerste symfonie de zaal toe, in zijn zangerige Nederlands met een Hongaars accent. Drie symfonieën op één avond, dat was wel erg onsymmetrisch, zei hij. Omdat ieder deel een meesterwerk op zich is, en ook om de avond toch meer symmetrie te geven, plaatste hij de pauze na het tweede deel van de Tweede symfonie. Dus na dat hemelse Larghetto stapte hij van de bok, volgde een flauw applaus en gingen we aan de koffie. En daarna vervolgde het concert met het Scherzo alsof de symfonie niet onderbroken was. Er valt vanalles over te vinden, maar het gaf het concert een extra bijzondere lading. En daarna die dramatische Vijfde, gottegot....
Mijn gade fotografeerde bij het slotapplaus bovenstaande foto; ik sta er applaudisserend op.

05 mei 2013

Concert 27 april 2013

Zaterdag 27 april 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Riccardo Chailly
Stefano Bollani, piano

Adams: Lollapalooza
Harbison: Remembering Gatsby
Gershwin: Catfish Row
Gershwin: Pianoconcert

Een programma dat alleen door Chailly zo overtuigend gedirigeerd kan worden. Krachtige muziek, swingend, dreunend, aantrekkelijk. Maar ook veeleisend. In Adams en Harbison viel Chailly's sublieme slagtechniek op; ik vroeg me tijdens de uitvoeringen af of het überhaupt ánders gedirigeerd kon worden, zo universeel ging Chailly het orkest voor in deze stukken. Je hoeft als orkestlid de muziek nauwelijk te kennen; Chailly geeft zowat iedere noot aan, en toch zonder te druk over te komen. Na de pauze het fraaie Pianoconcert van Gershwin, waarin jazzpianist Stefano Ballani techisch prachtig speelde, maar wel tekortkwam in volume. Op rij 16 in het midden was hij regelmatig niet te horen, en dat lag bepaald niet aan het orkest. Klassieke pianisten hebben duidelijk geleerd flink op de toetsen te kunnen rammen; Bollani niet, en dat was (niet) te horen. Maar door zijn achtergrond als jazzpianist swingde het stuk de pan uit; in de toegiften onderstreepte hij nog eens zijn grootheid. Een geweldig concert!

Opera 20 april 2013

Zaterdag 20 april 2013, Muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera

Wagner: Die Walküre
Siegmund - Christopher Ventris
Sieglinde - Catherine Naglestad
Hunding - Günther Groissböck
Brünnhilde - Catherine Foster
Wotan - Thomas Johannes Mayer
Fricka - Doris Soffel
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Hartmut Haenchen

Deze productie door Pierre Audi van Wagners meesterwerk ging in januari 1998 in première en ik zag die in de tussentijd al minstens tien keer. Maar deze elfde of twaalfde keer was even overrompelend als de eerste (en alle keren erna). De uitbeelding is subliem, en eigenlijk toch heel eenvoudig. De wijze waarop Hunding aan het slot van het tweede bedrijf door het 'achtelijke' handgebaar van Wotan gedood wordt: je moet er maar op komen! De cast is tijdens de drie voorstellingenreeksen steeds veranderd; van de vorige bleef alleen Doris Soffel over; haar confrontatie met Wotan in het tweede bedrijf is een hoogtepunt van de uitvoering. Ze is stemtechnisch duidelijk op haar retour, maar wat een autoriteit! (En ze blijft worstelen met haar te lange jurk.) Haenchen laat zijn orkest regelmatig voluit gaan; het geeft de uitvoering de kracht die ik eerder miste. De andere zangers voldeden ruimschoots, het was een prachtige uitvoering. Maar bovenal vind ik dat Wagner in Die Walküre zich van zijn meest menselijke en dramatische kant laat zien. Hoe kan een muziekliefhebber zonder dit meesterwerk? Half mei ga ik nog een keer, ik kan nauwelijks wachten...!

28 april 2013

Concert 17 april 2013


Woensdag 17 april 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Riccardo Chailly
Genia Kuuhmeier, sopraan
Bernarda Fink, alt
Michael Schade, tenor
Groot Omroepkoor

Henze: Elogium Musicum
Mendelssohn: Symfonie nr. 2 'Lobgesang'

Riccardo Chailly is terug bij het KCO! In 2004 hoorde ik hem voor het laatst bij zijn voormalige orkest met een prachtige Mahler 9 (en vlak daarvoor in het Muziektheater met Don Carlo), en pas na negen jaar weer terug bij het orkest dat hij 16 jaar leidde. Ik hoorde hem tijdens zijn chefdirigentschap in vele concerten, maar kon pas een keer eerder hier een concert van hem beschrijven (zie hier). Hopelijk in de toekomst veel vaker, want Chailly is een groot dirigent met een unieke energie. Tijdens deze rentrée overtuigde hij als vanouds. Het oude publiek van de B-serie presenteerde hij eerst op een krachtig stuk voor koor en orkest van Henze, een 'soort van' in memoriam uit 2008 voor zijn overleden partner. Uitdagend voor het koor, sterk gezongen door het Groot Omroepkoor. Na de pauze de 'Symphonie-Kantate nach Worten der Heiligen Schrift' van Mendelssohn die als zijn Tweede symfonie te boek staat. Ik had er een cd van, maar hoorde die tot dit concert nooit. Sindsdien al meerdere keren; het is een fraai stuk. Vooral die inleidende Sinfonia van ruim 20 minuten is oorstrelend en de klankpracht die Chailly het KCO wist te ontlokken was ongeëvenaard; Mendelssohn kan soms wat zoetig zijn, maar wie het tweede en derde deel van deze Sinfonia versmaadt kan beter uien gaan snijden. Hierna volgt een half uur 'Lobe den Herrn'; soms wat al te protestant-potsierlijk, maar sommige solistische stukken zijn te mooi om waar te zijn. En Chailly, die deze symfonie voor het eerst sinds 1898 weer bij dit orkest op de lessenaars liet zetten, dirigeerde vol overtuiging. Ieder jaar terug, vanzelfsprekend!

Concert 12 april 2013


Vrijdag 12 april 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninkljijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Eva-Maria Westbroek, sopraan
Burkhard Fritz, tenor

Wagner: Ouverture Die Meistersinger von Nürnberg
Wagner: Uit Die Meistersinger: Walthers Preislied
Wagner: Uit Tannhäuser: Dich, teure Halle
Wagner: Uit Rienzi: Allmächt'ge Vater, blick herab!
Wagner: Vorspiel Lohengrin
Wagner: Uit Die Walküre: slotscène 1e akte
Wagner: Uit Die Walküre: Der Ritt der Walküren
Wagner: Uit Götterdämmerung: Brünnhildes Schlussgesang

Op papier een concert om van te likkebaarden: Wagners grootste fragmenten in één programma verzameld, met Jansons, het KCO en 'onze' Eva-Maria als stersolist. En eigenlijk werd het voor een groot deel inderdaad dat grandioze concert waar ik al een jaar naar uitkeek. De ouverture Meisersinger werd werkelijk fantastisch gespeeld; zo fraai hoorde ik dit instrumentele meesterwerk in het echt nog niet eerder. De opname die Haitink in de jaren zeventig met het Concertgebouworkest maakte is de allerbeste verklanking van dit stuk die je je kunt voorstellen, maar in de zaal hoorde ik zo'n superieure uitvoering nog niet. Jansons kwam aardig in de buurt, en dat zegt al veel. De bijdragen van tenor Burkhard Fritz vielen wel wat tegen; hij liet vooral horen hoe moeilijk de tenor-partijen van Wagner eigenlijk zijn. Maar ook: wat een verschil Eva-Maria Westbroek maakt. Haar opkomst, haar zingen, haar présence: het is de buitencategorie in muzikale verbeelding. In de slotscène van de eerste akte uit Die Walküre (vanaf de Winterstürme) zet ze Frits op grote achterstand, terwijl hij bepaald geen middelmatige Wagnerzanger is. Ze ís wat ze zingt en stijgt uit boven de partituur. Een strak gespeelde Walkürenritt en een groots Schlussgesang en orkestrale 'Auslaut' van de Götterdämmerung: dan zit je lekker te zwelgen op rij 16 middenin. En dan dat Vorspiel Lohengrin: werd er met de ouverture Meistersinger door Wagner ooit betere instrumentale muziek gecomponeerd...?
Bovenstaande foto komt van de facebookpagina van het KCO, genomen tijdens de repetities voor dit eenmalige concert.

Concert 5 april 2013


Vrijdag 5 april 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink

Bruckner: Symfonie nr. 8

De aprilmaand loopt op zijn einde, en heb vier concerten en een opera te beschrijven. Het was een muzikale supermaand, met een Walküre en de huidige en de twee laatste chefdirigenten van het KCO voor hun (voormalige) orkest. Haitink beet de spits af met een subliem-sonore en emotionele Achtste van Bruckner. Ik heb hem deze symfonie al vele keren horen dirigeren, bij het KCO, met een Europees jeugdorkest en met de Wiener Philharmoniker, maar zijn waarschijnlijk laatste uitvoering bij het KCO van de Nowak-versie was er eentje om in te lijsten. Het orkest hing aan het stokje van de maestro en speelde uiterst geconcentreerd. Zo luisterde ook het publiek; het was muisstil. De ingrediënten van Haitinks uitvoering waren de bekende: geen extremen in fraseringen, maar een vloeiende opbouw die je uiteindelijk volledig bij de keel greep. Die Achtste van Bruckner: het is alles afwegend mijn favoriete Bruckner-symfonie en een ultiem meesterwerk an sich. En dan een geïnspireerde 84-jarige Haitink voor het KCO: dan staat de tijd stil.