29 januari 2012

Concert 12 januari 2012


Donderdag 12 januari 2012, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Cornelius Meister
Simone Lamsma, viool

Mozart: Ouverture Le nozze di Figaro
Walton: Vioolconcert
Mozart: Symfonie nr. 40


Door het afzeggen van Fabio Luisi en het engageren van Cornelius Meister trad in de D-serie van dit seizoen een derde debuterende dirigent aan. Meister is een vaardige jongeling die het orkest in Mozart tot spits en precies spel verleidde. Door zijn relatief hoge tempi en de toch al wat beperkte programmering stonden we al om kwart voor tien buiten. Er had nog wel een flinke uitsmijter bijgekund. De 40ste van Mozart hoorde ik ooit eens met Harnoncourt, ergens begin jaren negentig. Het stuk moet vaker op de lessenaars! Meister belichtte vooral de vloeiende kant van deze symfonie, fraai maar ook wat eendimensionaal. Voor de pauze de eveneens bij het orkest debuterende violiste Simone Lamsma. Van Walton hoorde ik ooit eens zijn altvioolconcert, evenmin als dit vioolconcert een aantrekkelijk werk. Dit vioolconcert gaat een beetje het ene oor in en het andere oor uit. Lamsma speelde alsof ze in iedere noot met hart en ziel geloofde, dus aan haar lag het niet.

31 december 2011

Concert 25 december 2011


Zondag 25 december 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink
Anja Harteros, sopraan

R. Strauss: Vier letzte Lieder
R. Strauss: Eine Alpensinfonie


Onvoorstelbaar hoe een interpretatie zich in enkele dagen kan verdiepen! Vergeleken met de uitvoering van de 21ste (zie hieronder) klonk de Alpensinfonie tijdens de kerstmatinee veel langzamer, voller en machtiger. De trompetten hadden hun dag niet en ook de hoorns zaten er een keertje naast, maar het maakte voor de totaalbeleving weinig uit: dit was een grootse en meeslepende Alpensinfonie! Daarvoor een fenomenale uitvoering van de Vier letzte Lieder. Ik had nog nooit van Anja Harteros gehoord, maar ze zong bijzonder ontroerend en uitdrukkingsvol, in ideale balans met het orkest. Wat een prachtige muziek bieden deze liederen toch. Een geweldige muzikale afsluiting van 2011!

23 december 2011

Concert 21 december 2011


Woensdag 21 december 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink
Mitsuko Uchida, piano

Mozart: Pianoconert nr.20, KV466
R. Strauss: Eine Alpensinfonie


De opname van Eine Alpensinfonie door het Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink uit het begin van de jaren tachtig is al jarenlang een favoriet in mijn collectie, en moet het wat betreft dit geniale stuk in mijn aandacht delen met de live-opname door het KCO met Jansons uit 2007 (zie hier de weblog van dat concert). Een diepe en langgekoesterde wens om Haitink dit werk nu live te horen dirigeren ging nu in vervulling. Het was een grootse uitvoering. Vergeleken met Jansons is Haitink minder dramatisch maar vloeiender en transparanter, soms zelfs kamermuzikaal. In 'Auf dem Gipfel' is Jansons meeslepend, Haitink rechtlijniger. In beide uitvoeringen glorieus en overweldigend. Haitink speelt zijn troefkaarten uit in het 'Gewitter und Sturm'; dat klinkt nu ongekend krachtig en ultra-Wagneriaans. Ik verheug me nu alweer mateloos op Eerste Kerstdag, dan weer!
Voor de pauze een uitstekende uitvoering van Mozarts 20e pianoconcert, met nummer 24 een indringend mineur-concert en vergeleken bij dat latere concert in c-klein is dit in d-klein nog dramatischer. Mitsuko Uchida speelde uiterst intiem, met groots effect.

11 december 2011

Oh dennenboom!


Dat zodra Sinterklaas zijn hielen heeft gelicht De Bijenkorf en Intertoys meteen in kerstsferen worden getooid om het shoppend publiek nog meer geld uit de zak te kloppen, daar kan ik nog wel begrip voor opbrengen. Maar dat nu ook Het Concertgebouw aan deze commerciële onzin mee gaat doen: ik vind het verschrikkelijk. In het kader van de actie 'Ontdek het Concertgebouw in december' (Gottegot! Ofschoon wel een iedere maand aan te passen reclametekst.) staan er in de gangen van Het Concertgebouw nu opeens allemaal kunstkerstbomen, zodanig op machinaal-chinese wijze versierd dat iedere slinger, kerstbal en lampje volledig synchroon met andere versierselen een plek in de boom heeft gevonden. Deze lelijke vormeloze nepbomen vormen een schril contrast met waar Het Concertgebouw voor staat. Het woord kunst heeft twee betekenissen! In de grote zaal hangen aan de balustrade links en rechts van het podium reepjes kunsttakken, 'versierd' met lampjes van de Blokker.
Ik vind het gruwelijk lelijk!

Concert 9 december 2011


Vrijdag 9 december 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. James Judd
Capella Amsterdam

Schönberg: Verklärte Nacht
Holst: The Planets


Altijd eeuwig zonde, wanneer Jansons moet afzeggen. Eigenlijk is er geen vervanger die tegen hem op kan. Maar goed, we hebben er mee te leven en iedere keer als hij er wel is, is een godsgeschenk. Het KCO had een prima vervanger uitgekozen, de Britse dirigent james Judd, die tegelijkertijd debuteerde bij het orkest. De strijkersversie van Schönbergs Verklärte Nacht klonk adembenemend mooi; op een hoestaanval van een hoogbejaarde achterin de zaal na was het publiek muisstil. De strijkers van het KCO speelden ontzetten warm en transparant; wat een geweldige klank. Ik hoorde The Planets van Holst een keer eerder, ergens in de jaren tachtig gedirigeerd door Charles Dutoit. Die uitvoering ging toen de mist in doordat de dames van het koor op de gang een hele toon te hoog of te laag zongen. Nu zongen de dames van Capella Amsterdam loepzuiver. In de zes delen daarvoor klonken de planeten vooral onstuimig en stevig; Judd houdt wel van een krachtige aanpak. Maar hij had de zaak goed onder controle. En tja, die superbe volbloedig Engelse melodie halverwege Jupiter gespeeld door het KCO in topconditie: heerlijk!
Het programmatisch omhoog kijken gaat later deze maand verder met de Alpensymfonie...

Concert 1 december 2011


Donderdag 1 december 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Juraj Valcuha
Sol Gabetta, cello

Von Weber: Ouverture Euryante
Barber: Celloconcert
Rachmaninov: Symfonie nr. 3


De reeks debuterende dirigenten gaat bij het KCO verder met de Slovaak Juraj Valcuha. Vergeleken met de drie weken eerder debuterende Ticciati maakte Valcuha een serieuzere en meer gedegen indruk. De Von Weber-ouverture werd klonk als een klok. Daarna maakte de blonde Argentijnse celliste Sol Gabetta haar debuut bij het KCO. Gabetta schijnt een fenomeen te zijn, en dat maakte ze tijdens dit concert meer dan waar. Het Barber-concert maakte ze tot een groots stuk, waard om vaker te horen. Als toegift stal ze de show met een ijl werk van een mij onbekende componist (de naam stond wel in de NRC-recensie maar die ben ik alweer vergeten), waarbij Gabetta ook een vocale bijdrage leverde. Enfin, de zaal op zijn kop. Na de pauze de broeierige Derde van Rachmaninov; ik heb er weliswaar een cd-opname van, maar ik beluisterde het stuk nooit eerder. Geen meesterwerk, wel warmbloedig en fraai gespeeld. Ik zal het eens op mijn iTunes zetten.

20 november 2011

Concert 15 november 2011


Dinsdag 15 november 2011, Paleis voor Schone Kunsten Brussel
Collegium Vocale Gent & Accademia Chigiana Siena
Orchestre des Champs-Élysées o.l.v. Philippe Herreweghe
Hanna-Elisabeth Müller, sopraan
Gerhild Romberger, alt
Benjamin Hulett, tenor
David-Wilson-Johnson, bas

Beethoven: Missa solemnis

Ik werk dit najaar in Mechelen en verblijf door de week in Brussel. Weinig aanbod aan klassieke muziek aldaar om naast alle werkzaamheden later dan wenselijk te gaan slapen. Maar Herreweghe met zijn eigen ensembles in Beethovens meesterwerk is een must uiteraard. Twee jaar geleden voerde hij met dezelfde koren (en dezelfde tenor) het zelfde werk tijdens een zaterdag-matinee ook uit in het Concertgebouw (zie hier de weblog) en zo overrompelend als die uitvoering was deze volledig 'authentieke' helaas niet. Het lag vooral aan de zaal, vrees ik. Hoe verwend ben ik toch met dat Concertgebouw in Amsterdam om de hoek! De Henry Le Boeuffzaal van het Paleis voor Schone Kunsten is te droog en te hoekig. Het plafond had minimaal 10 meter hoger moeten zijn - wanneer diezelfde hoogte in de Grote Zaal van het Concertgebouw was aangehouden, hadden de balkon-bezoekers zich gebukt naar hun plaats moeten begeven. Tja, dat hoor je eraan af. De twee eigen koren van Herreweghe waren ook nu weer onnavolgbaar fantastisch. Wat hun aandeel betreft was dit een geweldige uitvoering. Ook de vier solisten waren, ofschoon niet overrompelend, prima. Het orkest speelde goed, maar zo'n half-ielig/vals gespeelde vioolsolo in het Benedictus doet flink afbreuk aan de totaalervaring, ook al maakt iedere seconde van het Sanctus alle onvolkomenheden in het leven helemaal goed. Na afloop werd Herreweghe in prachtig communautair-ingewikkeld Frans/Nederlands toegesproken vanwege zijn 40/20-jarig jubileum: 40 jaar Collegium Vocale Gent en 20 jaar dirigerend in het Paleis. Daarna signeerde Herreweghe zijn nieuwste Brahms-cd in de shop van het paleis; ik kon zelfs een minuutje met hem praten. Dat lukt je in Amsterdam bepaald niet.
In het voorjaar komt Harnoncourt de Missa solemnis bij het KCO dirigeren - ik tel de dagen af!

Concert 10 november 2011


Donderdag 10 november 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Robin Ticciati
Jonathan Biss, piano

Schumann: Ouverture Genoveva
Mozart: Pianoconcert nr. 17, KV 453
Brahms: Serenade nr. 1


Robin Ticciati, een Engelsman met een Italiaanse achternaam, debuteerde vanavond bij het KCO. Er volgen nog meer debuten dit jaar: het orkest is bezig met een scout voor nieuwe aanwas in de dirigenten-dug-out. Ticciati maakte een goed, maar geen overrompelend debuut. Hij had de zaak prima onder controle, liet echter geen onuitwisbare indruk achter. De Genoveva-ouverture liet hij heel hoekig en transparant spelen, haast Beethoviaans en neigend naar 'authentiek'. In het 17e pianoconcert van Mozart werkte de lichtvoetige aanpak niet zo goed; het was te speels en te frivool en een echte innerlijke band tussen pianist en dirigent/orkest bleef achterwege. Zo adembenemend als het optreden van Bliss twee jaar geleden, zie hier de weblog, was het nu niet. De Eerste serenade van Brahms hoorde ik nooit eerder live, ofschoon ik het op cd vele keren hoorde van de opname van Haitink met het (K)CO. Een mooi stuk dat vooral doet piekeren over de vraag waarom Brahms tot bijna 20 jaar daarna pas met een eerste symfonie durfde komen. Zo ver zat hij er hier toch niet naast? Fraai door Ticciati gerealiseerd: het laatste deel van deze Serenade leek een programmatische en interpretatieve aansluiting met de Schumann-ouverture.

31 oktober 2011

Concert 28 oktober 2011


Vrijdag 28 oktober 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Herbert Blomstedt

Mozart: Symfonie nr. 39
Schubert: Symfonie nr. 9


De Grote symfonie in C van Schubert behoort tot mijn meest favoriete symfonieën, maar geslaagde uitvoeringen zijn zeldzaam. Eigenlijk bewaar ik alleen goede herinneringen aan de uitvoeringen onder leiding van Harnoncourt, in het begin van de jaren negentig. De vastlegging op cd door Teldec houdt de herinnering levendig, ofschoon de opnamekwaliteit niet honderd procent is. Met name daardoor, alsook door de nog grotere orkestrale transparantie, blijft de 'authentieke' uitvoering door The orchestra of the age of enlightenment o.l.v. Charles Mackerras mijn ultieme opname van dit grootse stuk. Er gebeurt zoveel in deze symfonie, zoveel stemmen, tegenstemmen, detailwerking, dramatiek: het is nagenoeg onmogelijk alle elementen allemaal helder over het voetlicht te brengen. Mackerras en Harnoncourt kregen dat voor elkaar, maar de dirigenten die ik dit stuk ook live hoorde dirigeren (Tennstedt, Brüggen, Sawallisch, Metha, Rattle) lukten dat niet. Tot nu opeens Herbert Blomstedt met een werkelijk fantastische Schubert 9 kwam aanzetten! Ik hoorde hier een uiterst transparante, gedreven, scherpe en welhaast ideale uitvoering. Er zat een flink strijkerscorps, maar de houtblazers kwamen er uitstekend doorheen en waren ideaal in balans. De tempi en de spanningsopbouw waren gewoonweg perfect. En als vervolgens ook nog alle herhalingen worden gerespecteerd: een topuitvoering.
In Mozarts 39ste respecteerde Blomstedt eveneens herhalingstekens die normaliter worden genegeerd (zoals die van de doorwerking in het slotdeel). Met een klein orkest kwam hij evenzeer tot een prachtig doorzichtige uitvoering. Gewoon een grootmeester, deze inmiddels 84-jarige, maar uiterst levenslustige Blomstedt!

23 oktober 2011

Concert 20 oktober 2011


Donderdag 20 oktober 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Emanuel Ax, piano

Goebaidoelina: Het gastmaal tijdens de pest
Haydn: Pianoconcert in D, Hob. XVIII:11
Varèse: Amériques


Ik werk dezer maanden in België, woon door de week in Brussel, maar reis voor de weekenden op en neer naar Amsterdam. Voor dit concert was ik apart op en neer gereisd, want Jansons in Varèse wilde ik niet missen. Het was inderdaad enerverend, ofschoon de credits natuurlijk gaan naar Varèse. Riccardio Chailly introduceerde deze componist met succes bij het KCO en dat Jansons dit nu voortzet is bijzonder lovenswaardig. Want wat een brok energie, deze Amériques! De sirenes klonken minder snerpend dan bij Chailly, maar het stuk klonk groots. Dat het opeens afgelopen was behoort tot een van de eigenaardigheden van deze muziek, en dat het reguliere abonnementspubliek hiermee niet overweg kon onderstreepte alleen maar de bijzonderheid van dit stuk. Voor de pauze was er qua intensiteit al een heel concert voorafgegaan. De oorsponkelijk aangekondigde wereldpremière van het Concert voor orkest van Goebaidoelina was nog niet voltooid, en werd vervangen door Het gastmaal tijdens de pest, een intens werk vol opgebouwde spanning. Aardig om de componiste aanwezig te zien. Meteen erna een geheel ander hoogtepunt: het door Emanuel Ax en Jansons uiterst subtiel en glanzend gespeelde Pianocondert in D van Haydn. Ik ken het werk van een cd-opname in authentieke bezetting met clavecimbel (met Trevor Pinnock), maar ook met het KCO en op een verkleinde Steinway blijkt het een verrukkelijk stuk. Ax is een innemende pianist, een vakman pur sang; de impromptu van Schubert als toegift was eveneens van grote schoonheid. Een heuglijk, groots concert.

Opera 16 oktober 2011


Zondag 16 oktober 2011, Het Muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera

R. Strauss: Elektra

Elektra - Evelyn Herlitzius
Klytämnestra - Michaela Schuster
Chrysothemis - Camilla Nylund
Orest - Gerd Grochowski
Aegisth - Hubert Delamboye
Toonkunstkoor Amsterdam
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht

Een prachtige uitvoering van dit absolute meesterwerk! De uitvoering werd gedragen door de ranke Herlitzius, die echter een enorm krachtige en zuivere stem heeft. Ik hoorde haar ruim anderhalf jaar geleden ook al in deze rol, in Brussel (zie hier de weblog daarvan). En haar invulling was dit keer misschien nog beter. Live hoorde ik deze rol nooit eerder zo goed gezongen als door Herlitzius. Schuster was een grootse Klytämnestra, ofschoon de aristocratische Soffel in Brussel ongeëvenaard was. Nylund zong een krachtige Chrosothemis; later dit seizoen zingt ze bij DNO Elisabetta in Don Carlo; daar kunnen we ons verheugen. Grochowski vond ik wat vlak, Delamboye daarentegen een opmerkelijk zuivere en fraaie Aegisth. Het NedPho en Albrecht lijken een uitstekend huwelijk aangegaan te zijn; het orkest klinkt vol, gedreven en harmonieus. En wat een grootse opera is de Elektra toch; ik hoorde het werk al zeker een keer of ach live, het blijft een verbazingwekkend krachtig en overrompelende opera.

Concert 30 september 2011


Vrijdag 30 september 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Daniel Harding
Lang Lang, piano

Grieg: Pianoconcert
Beethoven: Symfonie nr. 3 'Eroica'


Lang Lang is een fenomeen; ik hoorde hem een paar jaar geleden met een prima uitvoering van Beethovens Vierde pianoconcert (zie hier de weblog ervan). En nu dan in het Grieg-concert. Het werd een grandioze uitvoering, stormachtig maar nergens over de top, helder en meeslepend en genuanceerd waar het moest. Als toegift een bewerking (van Liszt waarschijnlijk) van de Hongaarse mars uit La Damnation de Faust van Berlioz; je moet het maar durven spelen. Na de pauze een degelijke doorsnee-Eroica. Goede tempi, relatief groot orkest maar alles op zijn plek. Geen uitvoering voor de eeuwigheid, maar voldoende goed om een klein uurtje geconcenteerd naar te luisteren.

16 oktober 2011

Concert 16 september 2011


Vrijdag 16 september 2011, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Genia Kühmeier, sopraan
Bernarda Fink, alt
Mark Padmore, tenor
Gerard Finley, Bas
Groot Omroepkoor

Strawinsky: Psalmensymfonie
Mozart: Requiem


Ik hoorde Mozarts Requiem pas een keer eerder live, een jaar of vijf geleden in het Palau de la Música Catalana in Barcelona door een gelegenheidsensemble. Nu dan door het KCO en zijn chefdirigent, aangevuld door een prachtig zingend Omroepkoor en vier topsolisten. Het had een logge boel kunnen worden, zo'n traditionele bezetting, maar het werd een doorzichtige, gedetailleerde en dramatische uitvoering. Niet neo-authentiek, maar gewoon bijzonder stijlvol en dienstbaar aan de muziek. Ik leerde het stuk kennen via de cd-uitvoering van Christopher Hogwood, die een andere dan de reguliere Süssmayr-versie opnam, en in plaats van gewone sopranen jongenssopranen inzette. Die klank raak ik nooit meer kwijt, alsook dat ik de Süssmayr-versie minder geslaagd vind. Maar goed, dat ligt aan hoe ik het werk heb leren kennen. Maar daarbuiten: dit was een geweldige uitvoering, en de vele microfoons boven het orkest deden vermoeden dat er te zijner tijd een cd van uitgebracht wordt; ik kijk er naar uit.
Voor de pauze de Psalmensymfonie van Strawinsky, een fraai, maar ook wat ongemakkelijk en niet volledig boeiend stuk. Wel goed gezongen!

Opera 10 september 2010


Zaterdag 10 september 2011, Muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera

Gluck: Iphigénie en Aulide
Gluck: Iphigénie en Tauride


Iphigénie en Aulide
Iphigénie - Véronique Gens
Agamemnon - Nicolas Testé
Clytemnestre - Anne Sofie von Otter
Achille - Frédéric Antoun
Diane - Salomé Haller
Arcas - Laurent Alvaro

Iphigénie en Tauride
Iphigénie - Mireille Delunsch
Oreste - Jean-Francois Lapointe
Pylade - Yann Beuron
Diane - Salomé Haller
Thoas - Laurent Alvaro
Koor van De Nederlandse Opera, Les Musiciens du Louvre o.l.v. Marc Minkowski

Deze Gluck-dubbel bood ruim 4 uur overwegend gelijkvormige muziek. De recensent van NRC Handelsblad schreef dat de luisteraar nogal op de proef werd gesteld hierdoor, maar bij mij vlogen die 4 uren om. Niet vanwege Gluck, maar door de onvoorstelbaar superbe cast die voor deze megaproductie was gecontracteerd. Gens en Delunsch gelden als meesteressen in de Franse zangkunst en ofschoon werd aangekondigd dat Delunsch veel pijn in haar rug had zong ook zij fantastisch. Ook de mannenrollen waren perfect gecast. Testé als Agamemnon en Lapointe en Beuron als de onafscheidelijke vrienden Oreste en Pylade zongen de sterren van de hemel met hun prachtige stemmen. De grote ster was echter Anne Sofie von Otter, die in subtiliteit en klankschoonheid alle andere zangers overtrof. Haar treuraria was het hoogtepunt van de avond. De enscenering van Pierre Audi vond ik wat rommelig. Trap op, trap af - het bood weinig extra's. Minkowski zorgde voor een uitstekende orkestrale begeleiding en soms voor vuurwerk. Zelden zo'n perfecte zangersgroep bij elkaar gehoord.

11 september 2011

Concert 31 augustus 2011


Woensdag 31 augustus 2011, Concertgebouw Amsterdam
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht
Robert Gambill - Siegmund
Melanie Diener - Sieglinde
Dimitry Ivashchenko - Hunding

Wagner: Voorspel en venusbergmuziek uit Tannhäuser
Wagner: Eerste akte uit Die Walküre


De nieuwe chef van het NedPho is een theaterman. In deze twee wagnerstukken viel me op dat hij het verhaal probeert te verklanken en daarbij het orkest op sleeptouw neemt om ieder moment zo expressief mogelijk te laten zijn. Ik houd er wel van. Het orkest is Albrecht hoorbaar dienstbaar, er is duidelijk een klik. Het Voorspel en de venusbergmuziek uit Tannhäuser vond ik juist vanwege dat theatrale bijzonder goed geslaagd. Ook het orkestrale aandeel in de eerste akte Walküre was groots. De zangers waren echter niet ideaal. De intonatie vormde geen probleem, en twee keer tien seconden 'Wälse' vind ik ook altijd een plus, maar er ontbrak vervoering bij de twee hoofdrolzangers. Met name Robert Gambill zong teveel alsof hij een oratorium aan het zingen was. Maar goed, net als twee dagen eerder met het KCO is zo'n zomerconcert na ruim twee maanden afwezigheid vooral bedoeld om warm te draaien. En dat lukte dankzij Albrecht zeker.