21 april 2026

Opera 11 april 2026

Zaterdag 11 april 2026, Bayerische Staatsoper München
Bayerische Staatsoper

Wagner: Parsifal

Parsifal - Clay Hilley
Amfortas - Peter Mattei
Titurel - Balint Szabo
Gurnemanz - Christof Fischesser
Klingsor - Josef Wagner
Kundry - Anja Kampe
Bayerisches Staatsopernchor und Orchester o.l.v. Sebastian Weigle

In de tweejaarlijkse sequens van bezoeken aan opera's waar je anders nooit komt bezocht ik dit keer met C en I München - een stad waar ik nog nooit geweest was, behalve dan enkele keren overstap op het vliegveld 50 kilometer daarbuiten. Zie hier meer info over de achtergrond van die vriendschappelijke operabezoeken, de vorige keer twee jaar geleden in Dresden. Enfin, wat doen ze in München...? Parsifal, let's go! Het gebouw van de Bayerische Staatsoper werd in de Tweede Wereldoorlog in de as gelegd, maar heropgebouwd zoals het er daarvoor was. En pas in de zaal las ik dat hier de Tristan, Meistersinger, Rheingold, Walküre in première gingen. Historische grond dus. Niet de Parsifal natuurlijk, maar: de opera is daar wat in Nederland de Matthäus Passion is: ze spelen het er ieder jaar rondom Pasen - ook volgend jaar weer minstens 8 keer - en ja: dat hóór je. Al bij de eerste twintig maten van het Vorspiel zit je als gehypnotiseerd. Wat klonk dat Vorspiel prachtig sonoor. De ingehuurde dirigent Weigle deed wat van hem werd verlangd: speel de Parsifal zoals het hier op zijn best kan, maar hij gaf ook alle ruimte aan de zangers om te schitteren. Peter Mattei hoorde ik eerder als Jevgeny Onegin in Parijs, zie hier, maar hij zong de beste Amfortas die ik live hoorde: getergd, prachtig bij stem en echt opera! Nou ja, ik kan hetzelfde schrijven over Kampe, Hilley en Fischesser. Parsifal is mijn meest geliefde Wagner-opera, de laatste keer was alweer zeven jaar geleden in Wenen, zie hier. Ik beluister het stuk minstens twee keer per jaar thuis. De derde akte is sowieso het beste deel van deze opera; er zitten stukken in waar ik het onmogelijk droog houd. Wie mijn weblog leest en begrijpt zal snappen dat ik het niet weer zeven jaar zal laten duren om weer een Parsifal te horen. Als de Straat van Hormuz weer opent is München dus een eerste keus. Ten slotte: de enscenering was die van wijlen Pierre Audi. Niet die uit Amsterdam (zie hier over de enscenering ervan, met de prachtige tweede akte met die schaal door Anish Kapoor) maar een nieuwe en die ze in München ieder jaar herhalen. In sfeer gelijk, niet die weelderige tweede akte, maar wel een veel betere (want veel minder houterige, Gamma-achtige) eerste akte. Een wederom gedenkwaardige reis. 

06 april 2026

Opera 10 maart 2026

Dinsdag 10 maart 2026, Teatro alla Scala Milaan
Teatro alla Scala

Wagner: Das Rheingold

Wotan - Nicholas Brownlee
Fricka - Okka von der Damerau
Loge - Norbert Ernst
Alberich - Olafur Sigurdarson
Mime - Wolfgang Ablinger-Sperrhacke
Erda - Christa Mayer
Fasolt - Jogmin Park
Fafner - Ain Anger
Froh - Siyabonga Maqungo
Donner - André Schuen
Woglinde - Polina Pastirchak
Wellgunde - Svetlina Stoyanova
Flosshilde - Virginie Verrez
Orchestra del Teatro alla Scala o.l.v. Simone Young

Ik verval in herhaling als ik beschrijf waarom ik hierheen ging, zie beter de weblog van de uitvoering van Götterdämmerung een maand hiervoor in de Scala (zie hier). Ik vind de Rheingold een geweldig stuk, het is Wagner op zijn gevarieerdst en onderhoudendst, en dat in wat volgens mij het meest lange onafgebroken klassieke-muziekstuk aller tijden is: tweeënhalf uur muziek zonder pauze of onderbreking. Ik hoorde het in Amsterdam minstens een keer of twaalf, steeds in de geweldige enscenering van Pierre Audi, daarvoor ooit een keer in Brussel in een suffe verplaatsing naar de nazi-tijd, en nu in de Scala in een zo partituurgetrouw mogelijke regie van David McVicar. Audi bracht de allerbeste: de handeling van de Rheingold begint op de bodem van de Rijn, gaat daarna naar de godenwereld helemaal in de hemel, en daarna weer naar de onderwereld onder die Rijnbodem... Audi beeldde het prachtig uit. McVicars regie was eenvoudiger, maar ook geloofwaardig (de reuzen Fasol en Fafner: subliem, zie de foto hierboven), en met ironische elementen. Ik snapte nu eindelijk de uitbeelding van het einde van de Götterdämmerung vorige maand: het goud werd verbeeld door een mimespeler, die door Alberich wordt geroofd en aan het einde van de Rheingold gepijnigd ronddoolt, en uiteindelijk aan het einde van Götterdämmerung weer mag zwemmen in de Rijn. Maar goed, het was uiteindelijk de uitvoering die mij en de hele Scalazaal tweeënhalf uur de adem ontnam. Hoofdzakelijk bejaard publiek, maar ik heb geen kuchje gehoord (en ik zat midden in de zaal). Logisch, want Simone Young leidde een uitvoering die klonk als een klok. Groots orkestspel, geweldige zangers en gedreven geacteerd. Zelfs de twee meest duffe rollen (Froh en Donner) waren subliem gecast. Een geweldige afsluiting van een hele Ring in de Scala binnen ruim een jaar, niet helemaal in de juiste volgorde, maar who cares.