09 april 2019

Concert 28 maart 2019

Donderdag 28 maart 2019, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. John Eliot Gardiner
Alina Abragimova, viool

Berlioz: Ouverture Le roi Lear
Schumann: Vioolconcert
Brahms: Symfonie nr. 3

Stilte voor de storm: weinig concerten de afgelopen tijd, en ik schrijf deze weblog over dit concert twee weken nadien zonder dat er nog een concert na kwam. Dat gaat veranderen: in de komende twee weken staan twee concerten en drie opera's geboekt. Heerlijk vooruitzicht. Maar hiermee ook een heerlijke terugblik. Een verrukkelijk programma geleid door een energieke dirigent die met het KCO kan lezen en schrijven zonder routineus te zijn. Ik ken Berlioz' ouverture Le roi Lear alleen van cd, heel lang geleden voor het laatst gehoord maar in die tijd zo vaak beluisterd dat het stuk flink in mijn geheugen gegrift staat. Daarna dat rare Vioolconcert van Schumann: te goed om niet regelmatig te programmeren maar toch ook geen meesterwerk. Isabelle Faust en Bernard Haitink braken ruim 3 jaar geleden een lans (zie hier), en het Russisch aanstormend talent Alina Abragimova speelde niet zo harmonieus als Faust, maar wel met hart en ziel. En tja, Brahms 3: het is een onbeschrijflijk goed maar bovenal dierbaar stuk. Gardiner dirigeerde het rauw en ongepolijst, en daardoor zeker niet ideaal, maar wel enerverend en allerminst saai. Brahms 3: onweerstaanbaar.

27 maart 2019

Concert 20 maart 2019

Woensdag 20 maart 2019, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Thomas Hengelbrock
Kersten McCall, fluit

Schubert: Ouverture Alfonso und Estrella
Wennäkoski: Soie
Schubert: Symfonie nr. 9 'Grote'

Ik reserveerde een los kaartje voor dit concert speciaal voor de Grote-symfonie van Schubert. Ik ken het stuk maat na maat, en heb er twee geweldige opnames van op cd. Voorop die van Sir Charles Mackerras, die ergens in de jaren tachtig totaal onverwacht met het authentieke Orchestra of the Age of Enlightenment een baanbrekende, subliem-rake uitvoering opnam. Enkele jaren erna leidde Nikolaus Harnoncourt het KCO in een uitvoering die wat tempi en drive gelijkwaardig is aan die van Mackerras. De twee opnames vullen elkaar aan: het authentieke Enlightenment-orkest en het KCO bieden twee verschillende werelden aan klankkleur en uitvoeringstraditie. Maar beide opnames zijn grandioos. De opname van Harnoncourt is live, ik zat bij één van de concerten zelf in de zaal. Ik hoorde het stuk daarnaast o.a. ook o.l.v. Klaus Tennstedt, o.l.v. Sawallisch met de Wiener Philharmoniker en twee jaar geleden nog o.l.v. Haitink (zie hier de weblog), maar nooit zo goed als onder Harnoncourt en - ook totaal onverwacht - o.l.v. Blomstedt (zie hier de weblog). Thomas Hengelbrock is een Harnoncourt-volgeling, en na zijn geslaagde optreden met Schuberts Onvoltooide en Mozarts Requiem in maart 2017 (zie hier de weblog) verheugde ik me op deze uitvoering van die onvolprezen Grote. Het begon veelbelovend: de hoorns speelden het openingsthema vanaf de gang, maar daarna stapelde zich teleurstelling op teleurstelling. Het te hoge tempo in het openingsdeel, het teveel benadrukken van tegenstemmen waardoor de hoofdlijn verloren ging, het als een flauw tussendoortje gespeelde Trio van het Scherzo, en bovenal: het niet respecteren van nagenoeg alle herhalingstekens: ik zat met moeite de uitvoering uit. Hoe kun je als dirigent die fenomenaal natuurlijk-vloeiende melodieën van dat Trio in het Scherzo niet willen herhalen? Enfin, het was niet de Schubert 9 waar ik op gehoopt had. Voor de pauze een gedreven uitvoering van een mij onbekende Ouverture van Schubert, en een vreemd fluitconcert van de Finse componiste Wennäkoski, waarin het etaleren van de verschillende mogelijkheden om geluid uit een fluit te krijgen prevaleerden boven melodische en muzikale diepgang. Concerten van het KCO zijn meestal geweldig, maar deze avond keerde ik teleurgesteld huiswaarts.

18 maart 2019

Concert 6 maart 2019

Woensdag 6 maart 2019, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Jaap van Zweden

Mahler: Symfonie nr. 7

Van Zweden nam de Mahler 7-uitvoeringen over die oorspronkelijk door Gatti geleid zouden worden.  En meteen alle aandacht in de pers of hij niet de nieuwe chef zou moeten worden. Jaap is sinds zijn aanstelling bij de New Yourk Philharmonic 'hot', en waarom wel in New York en niet hier in Amsterdam? Ik heb er geen mening over - ik hoop vooral dat het KCO nog minstens twee jaar wacht met het benoemen van een nieuwe chef. De Wiener Philharmoniker heeft er ook geen, en dat is ook een best aardig spelend ensemble... Na de fantastische Zevende Mahler door Jansons in september 2016 (zie hier de weblog) nu een vooral precies en zuiver gespeelde uitvoering, waarin de muziek voor zichzelf sprak. Eigenlijk was dat ook al heel vervoerend, ook al werd mij de adem niet ontnomen, wat dit stuk toch ook moet doen. Van Zweden had het orkest duidelijk flink onderhanden genomen; het speelde uiterst nauwkeurig en gedreven. Maar de extase ontbrak nog.

03 maart 2019

Concert 28 februari 2019

Donderdag 28 februari 2019, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Iván Fischer
Emanual Ax, piano

Strawinsky: Concert voor strijkorkest 'Basel concerto' 
Strawinsky: Capriccio voor piano en orkest
Strawinsky: Petroesjka

Fischer dit keer voor het KCO, net als zijn eigen Boedapest Festival Orkest een ensemble waarmee hij kan lezen en schrijven. Dat bleek al tijdens het Concert voor strijkorkest, een uiterst subtiel werk waarin ik bijkans van mijn stoel viel van verbazing en verrukking: zo scherp en verfijnd werd er door de KCO-strijkers gespeeld. De zaal hield zijn adem in, en ik ook. Daarna het duizelingwekkende Capriccio, waarin Emanual Ax zijn vakmanschap oversteeg: technische perfectie en drive deed de tijd stilstaan. Dit Capriccio is geen emotioneel beladen pianoconcert, maar wel een verbazingwekkend en grandioos stuk. En zo werd er ook gespeeld. Ax speelde als toegift een prachtig stukje van Schubert, opgedragen aan de eerder die dag overleden André Previn (zie hier de weblog van diens laatste optreden bij het KCO in 2007). Na de pauze Petroesjka, met de Sacre van twee weken terug en de Vuurvogel afgelopen voorjaar met Chailly (zie hier) het derde grote ballet van Strawinsky. Ik vond altijd dat Petroesjka de minst overtuigende van de drie was, maar Fischer en het KCO deden me opeens twijfelen. Want speelde het KCO ooit scherper, subtieler, dwingender? Vast, maar tijdens deze veertig minuten kon ik me het niet herinneren. Verrukkelijk bonte muziek.

Concert 13 februari 2019

Woensdag 13 februari 2019, Concertgebouw Amsterdam
Boedapest Festival Orkest o.l.v. Iván Fischer
RIAS Kammerchor

Strawinsky: Four Norwegian Moods
Strawinsky: Scherzo à la Russe
Strawinsky: Tango
Strawinsky: Psalmensymfonie
Strawinsky: Le sacre du printemps

Igor Strawinsky behoort niet tot mijn top-10 van favoriete componisten, maar Fischer bracht in twee weken twee onweerstaanbare all-Strawinsky programma's (zie ook hierboven/-na). Allereerst met zijn eigen orkest uit Boedapest, dat al meteen bijzonder begon: het orkest stemde als gewoonlijk, waarna de concertmeester het eerste deel van de vier Norwegian Moods inzette; pas daarna gingen boven de deuren open en kwam Fischer de trap af, halverwege daarvan de maat overnemend. Tijdens de Tango stonden opeens twee orkestleden op en dansten rondom de bok van de dirigent een tango. En als toegift na de Sacre zong het gehele orkest aangevuld door koorleden van het RIAS Kamerkoor nog een Ave Maria van Strawinsky. Apart en uiterst sfeerverhogend. Maar daartussen ook gewoon voortreffelijk orkestspel, en koorzang in de Psalmensymfonie. De Sacre is een meesterwerk natuurlijk, maar Fischer voegde er dimensies aan toe die ik nog niet eerder zo hoorde. Ik hoorde het stuk niet eerder zo lenteachtig! Strawinsky schreef geen diep-emotionele muziek, maar wel uiterst enerverende, zeker als Fischer dirigeert.

25 februari 2019

Opera 30 januari 2019

Woensdag 30 januari 2019, Koninklijk Theater Carré Amsterdam
De Nederlandse Reisopera

Korngold: Die tote Stadt

Paul - Daniel Frank
Marietta - Iordanka Derilova
Frank - Marian Pop
Brigitta - Rita Kapfhammer
Fritz, Pierrot - Modestes Sedlevicius
Consensus Vocalis
Noord Nederlands Orkest o.l.v. Antony Hermus

Nog voor ik in 2006 deze weblog startte bracht DNO deze Korngold-opera in het Muziektheater. In april 2005 om precies te zijn, met Thorsten Kerl in de hoofdrol, en met het Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Ingo Metzmacher in de orkestbak. Enkele maanden ervoor kocht ik de eerste en stellig tot in de eeuwigheid meest geweldige opname van deze opera o.l.v. Erich Leinsdorf met René Kollo en Carol Neblett in de hoofdrollen (en Herman Prey in de rol van Fritz/Pierrot als onweerstaanbare bonus). Sinds die twee keer dat ik die DNO-voorstelling zag/hoorde en de vele malen dat ik die cd-opname van Leinsdorf beluisterde, behoort Die tote Stadt tot mijn favoriete opera's. Ongelooflijk: Erich Wolfgang Korngold, door zijn ouders met zijn voornaam meteen bij geboorte deels vernoemd naar wonderkind Mozart, componeerde dit complexe stuk toen hij pas 22/23 was! Ik beluister de opera minstens drie keer per jaar in de auto. En tja, 'Glück, das mir verblieb' (luister hier) en Pierrots Lied 'Mein Sehnen, mein Wähnen' (luister hier): ik ben er nog steeds niet uit welke mooier is (en hoe goed dirigeert Leinsdorf!). Korngold ook niet, want hij hergebruikt beide melodieën meerdere keren, gewoon omdat ze terecht te mooi zijn om slechts één keer te laten horen. Maar goed, wat gedacht van Brigitta's verzuchting 'Was das Leben ist' aan het begin van de opera, de kathedrale orkestinleiding van de tweede akte en het begin van de derde akte met het kinderkoor en de processie... Die tote Stadt is een grandioze opera, en zowaar opeens door de Nederlandse Reisopera in Carré. Ik zag er in juni 1987 voor het eerst überhaupt een opera (Wagners Meisersinger door het Concertgebouworkest), en wist niet wat ik hoorde en zag, en nu opeens weer, en kon mijn emoties bij al die genoemde hoogtepunten niet bedwingen. Het orkest was te klein en klonk in deze zaal te droog, maar er werd o.l.v. Antony Hermus vol vuur gespeeld en door Daniel Frank en Iordanka Derilova geweldig goed gezongen. Ik ontmoette in de pauze onverwacht goede vrienden, die deze opera ook in hun hart dragen en erbij wilden zijn. Zo ook ik. Tja, Glück, das mir verblieb...

19 februari 2019

Concert 24 januari 2019

Donderdag 24 januari 2019, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink

Mozart: Symfonie nr. 40
Brahms: Symfonie nr. 4

Hoe vanzelfsprekend om hierboven de naam van dit orkest en deze dirigent te typen - eigenlijk decennialang en voor mij sinds altijd een logische combinatie. Maar misschien was dit wel de laatste keer dat ik het KCO en Haitink samen zag musiceren; na dit seizoen neemt Haitink (op zijn 90ste) een sabbatical... tja, dat voorspelt niets goeds. Maar goed, wat een cadeau dat Haitink dit geweldige programma van de weggestuurde Gatti overnam. Die sublieme 'Grote' g-klein symfonie van Mozart klonk puur, doorzichtig en uiterst natuurlijk. Haitink interpreteerde eigenlijk niet, liet het orkest zo fris en transparant mogelijk spelen. Dan hoor je veel details, en tegelijk ook de grote lijn. Eigenlijk hetzelfde als in Brahms' Vierde. Ik begreep lange tijd niks van deze symfonie, totdat Giulini het eens bij het KCO dirigeerde - ik begaf mij toen perplex huiswaarts. En Haitink liet het orkest ditkeer louter spelen wat er in de partituur stond, maar dan wel op zijn allerfraaist. Het vierde deel van Brahms Vierde is zijn allerbeste compositie, en dat terwijl alles van Brahms goed is...
In juni Haitink opnieuw op de bok, nu met het Radio Philharmonisch met Bruckner Vier. D.V.!

27 januari 2019

Concert 19 december 2018

Woensdag 19 december 2018, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Valery Gergiev
Janine Jansen, viool
Koor van De Nationale Opera

Sibelius: Vioolconcert
Ravel: Daphnis et Chloé

Een geweldig programma, aanvankelijk geprogrammeerd met het vioolconcert van Brahms, maar op verzoek van Janine Jansen gewijzigd in het concert van Sibelius. Beide stukken zijn grandioos dus ik was niet teleurgesteld. Zeker niet door de uitvoering; ik hoorde het live nog nooit zo spannend en krachtig. Er was duidelijk chemie tussen Jansen en Gergiev, en beiden zijn op zichzelf al de top in hun métier. De uitvoering oversteeg de technische perfectie - Jansen is een fenomeen, maar met Gergiev het kwadraat ervan. Na de pauze de complete Daphnis et Chloé van Ravel; het is heel lang geleden dat ik het complete stuk voor het laatst live hoorde. Haitink deed het eens, en Chailly. In die tijd beluisterde ik het ook vaak op cd - en dat deed ik eveneens al lang niet meer. Toch kwam het stuk me als vertrouwd voor; ook de wat te langdradige middenpassage - met het Lever du jour komt het opeens weer volledig tot leven. Gergiev liet het orkest weelderig spelen, en het tekstloos zingende koor van DNO paste zich daar naadloos bij aan. Het Lever du jour en de lange fluitsolo in de daaropvolgende Pantomime zijn fragmenten van de allergrootste muzikale schoonheid.

20 januari 2019

Concert 13 december 2018

Donderdag 13 december 2018, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink
Mutsuko Uchida, piano

Mozart: Pianoconcert nr. 23, KV 488
Bruckner: Symfonie nr. 6

Ik hoorde Haitink vele malen met Bruckner, te beginnen in 1985 met de Derde (zie hier de weblog erover). Verder vele keren de Achtste en Negende, ook een aantal keren de Zevende, en verder een keer de Vijfde en dus die Derde. Maar ik hoorde hem nog nooit met de Zesde en Vierde. Vanavond dus die geweldig rare Zesde, die vreemd genoeg in de schaduw staat van de latere symfonieën maar eigenlijk grotendeels gelijkwaardig is. Het slotdeel is het meest ongemakkelijk - hoe eigenzinnig en frappant ook, het heeft enkele drammerige fragmenten en het slot is (te) abrupt. Maar hoe geweldig fijnzinnig die coda overigens! Het Adagio is onaards mooi - het tweede thema is niet zelden als Bruckners mooiste muziek benoemd. Haitink leidde een grandioze uitvoering: vol, krachtig, gedragen. Ik had een mooie podiumplaats en kon de maestro weer eens van voren aan het werk zien. In juni dirigeert hij met het Radio Philharmonisch de Vierde... Voor de pauze een fraaie uitvoering van Mozarts 23ste, waarin Uchida weliswaar soms wat misgreep, maar waar het dienend musiceren voorop stond. Komende week Haitink terug bij het orkest met Mozart en Brahms. Hij gaat maar door! Toch maar weer een foto van die boerse Bruckner boven deze weblog, die zulke grandioze muziek componeerde.

29 december 2018

Concert 6 december 2018

Donderdag 6 december 2018, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Daniel Harding
Pierre-Laurent Aimard, piano
Elena Zhidkova, mezzo-sopraan
Gábor Bretz, bas-bariton

Dvorák: Pianoconcert
Bartók: Hertog Blauwbaards burcht

Een concert met twee gezichten. Voor de pauze artist in residence Pierre-Laurent Aimard met het Pianoconcert van Dvorák, dat ik nog nooit eerder hoorde. En tja, het viel geenszins mee. Dvorák heeft geweldige melodieën geschreven (in zijn latere symfonieën, het celloconcert, in strijkwartetten etc.) maar in dit pianoconcert bleven die bij goede bedoelingen steken. Er werd met overtuiging gespeeld, maar ik viel bijna in slaap. Na de pauze was het helemaal anders. Ik hoorde de éénakter van Bartók een paar keer bij DNO (lang geleden) en daarna twee keer concertant o.l.v. Haitink en Fischer. Zie hier de weblog van de uitvoering onder Fischer uit 2010. En wat was dit eveneens een geweldige uitvoering! Harding is geen showdirigent, maar zijn concerten zijn wel steeds goed en dienend. Hij begeleidde uiterst verzorgd en spannend. De twee mij volslagen onbekende zangers bleken de best denkbare. Ze zongen grandioos, dramatisch en maakten er echt opera van. Gábor Bretz kan trouwens zo op nummer één in de top-tien van de barihunks (zie hier). Er werd een heuse operahuis-sfeer gecreëerd: bij de opening van de vijfde deur - de grote climax in de muziek - gingen opeens de lichten vol aan. Tja, gewoon lekker. En dan dat KCO voluit... Zo saai het concert voor de pauze, zo onvergetelijk kleurrijk en spannend erna.

26 december 2018

Opera 28 november en 2 december 2018

Woensdag 28 november en zondag 2 december 2018, Muziektheater Amsterdam
De Nationale Opera

Rossini: Il barbiere di Siviglia

Rosina - Nina Machaidze
Almaviva - René Barbera
Bartolo - Mischa Kiria
Figaro - Davide Luciano
Basilio - Marko Mimica
Koor van De Nationale Opera
Nederlands Kamerorkest o.l.v. Maurizio Benini

Twee keer naar de Barbier; al bij de ouverture tijdens de eerste keer werd duidelijk dat deze nieuwe productie van Lotte de Beer een waardige opvolger van die van Dario Fo zou kunnen worden. En inderdaad: dit is een Barbier die even zo vaak gebracht en gezien mag worden als die zonnige gekke drukke productie van Fo. Na die eerste keer meteen een kaartje gekocht voor de allerlaatste voorstelling uit de reeks, vier dagen later. Ik zag de Fo-regie vele keren, en er zijn vele overeenkomsten met die van De Beer. Maar zij maakte desondanks een geheel eigen vrolijke en weldoordachte productie, met aan het slot een zwart randje: Almaviva en Rosina worden later immers elkaars vijanden, weten we uit Mozarts Le Nozze di Figaro. De hollende cupcakes uit de ouverture (tijdens de zondagmiddagvoorstelling viel er eentje om, en het bleek niet makkelijk weer op de been te komen), de grandioze rol van Bartolo, het paard etc: een verrukkelijk oogstrelende Barbier. En ja: ook een zeer oorstrelende. Prima zangers: Nina Machaidze (eerder al heerlijk in Il viaggio a Reims - zie hier), René Barbera en Mischa Kiria - ze zongen hun rol uitmuntend en vol overgave. Op woensdagavond zong ook Davide Luciano prima, op zondagmiddag bleek hij echter ziek, en was op het allerlaatste moment een bariton uit Duitsland gehaald; een regieassistente speelde Figaro terwijl de unknown-bariton vanaf de zijkant de zaal overtuigde. Verbazingwekkend was vooral het aandeel van het orkest: Maurizio Benini (eerder al uiterst overtuigend in Il Trovatore - zie hier) gaf Rossini's muziek een drive die ik nooit eerder hoorde. Het was allemaal gedrevener, spitsvondiger, subtieler. Meer Italiaanse belcanto met hem graag! DNO heeft nog zoveel in te halen op dat gebied.

08 december 2018

Concert 21 november 2018

Woensdag 21 november 2018, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Philippe Herreweghe
Isabelle Faust, viool

Schubert: Duitse Dansen D820 (ork. Webern)
Beethoven: Vioolconcert
Schumann: Symfonie nr. 2

Herreweghe met zijn tweede programma bij het KCO deze maand, net zo klassiek als het vorige (zie hier). Schuberts zes Duitse Dansen in de orkestratie van Anton Webern klonken prachtig - ze waren echter voorbij voor je er erg in had. Isabelle Faust is een interessante violiste: muzikaal en eigenzinnig zonder gemaniëreerd te zijn. Haar lezing van Beethovens geweldige vioolconcert mocht er zijn, zeker ook door de naadloos passende begeleiding door Herreweghe en het orkest: relatief hoge tempi, vloeiend, transparant. Het middendeel klonk uiterst fragiel en spannend. Na de pauze de Tweede van Schumann, relatief minder bekend dan zijn drie andere symfonieën, maar een geweldig stuk. Het eerste deel opent met een prachtige langzame inleiding, waarna er flink de vaart in wordt gezet. Het hieropvolgende Scherzo is dan nog sneller; het orkest moet even stevig aan de bak. Net als in de Tweede Brahms eerder deze maand klonk deze Schumann ongewoon transparant en slank. Mooi gedaan!

22 november 2018

Concert 7 november 2018

Woensdag 7 november 2018, Concertgebouw Amsterdam
Orchestre Révolutionnaire et Romantique o.l.v. John Eliot Gardiner
Corinne Winters, sopraan
Ann Hallenberg, mezzosopraan
Edgaras Montvidas, tenor
Gianluca Buratto, bas
Monteverdi Choir

Verdi: Messa di Requiem

Vergeleken met andere oude-muziekspecialisten (Harnoncourt, Pinnock, Herreweghe, Brüggen etc.) vond en vind ik de opnames van Gardiner dikwijls te scherp en ongenaakbaar. Zijn opnames van de pianoconcerten van Mozart, Beethovens Missa Solemnis, ja zelfs Monteverdi's Maria Vespers: fraai gedaan, maar ook te hard, te scherp, te vilein. Sinds een aantal jaren zijn die scherpe randjes aan het vervagen, en zijn optredens hier in het Concertgebouw - met welk orkest ook - overtuigden meer en meer. Zie de weblogs via de dirigentenlijst hiernaast. Twee weken geleden nog een fraai Berlioz-programma (zie hier) en nu direct terug met een onvergetelijke en bijkans onmogelijk te overtreffen uitvoering van het Requiem van Verdi. Er werd fluisterend, zuchtend, declamerend, sonoor en schreeuwend gezongen, en gebeukt in het Dies Irae alsof het dak móest instorten. Dat Verdi Requiem is op zichzelf al een onverwoestbaar meesterwerk, maar Gardiner openbaarde vele extra dimensies. Ik ken het stuk maat voor maat door ontelbare keren luisteren op cd, en ook live o.l.v. Chailly en Jansons, maar zo enerverend als deze avond hoorde ik het stuk nog niet eerder. Grandioze solisten, een grandioos koor, orkest en dirigent. En die sublieme muziek van Verdi. Wat een avond.

12 november 2018

Concert 1 november 2018

Donderdag 1 november 2018, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Philippe Herreweghe
Yefim Bronfman, piano

Beethoven: Pianoconcert nr. 4
Brahms: Symfonie nr. 2

Een logischer vervanger voor de ontslagen chef Gatti konden ze niet vinden voor dit klassieke programma. Eind deze maand stond Herreweghe namelijk al geboekt voor een programma met Beethovens Vioolconcert en Schumanns Tweede symfonie, en dit programma is meer dan equivalent daaraan. Wel net zo merkwaardig: de oude-muziekspecialist Herreweghe samen met klavierleeuw Bronfman op één podium. Het bleek een belevenis, omdat Herreweghe zorgde voor kristalhelder orkestspel waarin Bronfman vrijuit kon zwemmen. Het was de eerste uitvoering in een lange reeks inclusief tournee, en het zou interessant zijn geweest de laatste uitvoering ervan te horen, want niet alles was nog uitgekristalliseerd, maar wel al grandioos. Het onbegrijpelijk subliem gecomponeerde tweede deel werd strak en pakkend gespeeld - Beethoven op zijn best. Na de pauze een even slanke als glasheldere Tweede Brahms, tegenpool van de volbloed Karajan-, Giulini- en Solti-lezingen. Allemaal even fraai, maar Herreweghe bracht een zeer overtuigend tegengeluid. In het derde deel ging het bijna mis - Herreweghe slaat nu eenmaal anders de maat dan de gemiddelde dirigent. Een groots concert en ik kijk uit naar zijn Schumann eind deze maand. De foto hierboven werd gemaakt tijdens de repetitie in Helsinki voor het laatste concert in de reeks. Het tekent de professionaliteit van beide grootheden.

04 november 2018

Concert 20 oktober 2018

Zaterdag 20 oktober 2018, Concertgebouw Amsterdam
Orchestre Révolutionnaire et Romantique o.l.v. John Eliot Gardiner
Lucille Richardot, mezzosopraan

Berlioz: Ouverture Le corsaire
Berlioz: Le mort de Cléopâtre
Berlioz: Uit Les Troyens: Chasse royale et Orage
Berlioz: Uit Les Troyens: Ah! Je vais mourir
Berlioz: Symphonie fantastique

Een onstuimig en gevarieerd Berlioz-programma, uitgevoerd door een orkest en een dirigent die Berlioz graag onstuimig uitvoeren. Voor de pauze twee gezongen levenseinden van twee Noord-Afrikaanse koninginnen, bijzonder gaaf en pakkend gezongen door de Franse mezzo Lucille Richardot. Gardiner ging er soms flink tegenaan, maar Richardot hield zich uitstekend staande. De koninklijke jacht uit Les Troyens werd perfect uitgevoerd; het is een stuk van uitersten en Gardiner gaf het het volle pond. Er zit ook een vocaal element in, hier gebracht door de orkestleden die al spelend ook de vocale uitroepen voor hun rekening namen. Na de pauze Berlioz' bekendste symfonie, gespeeld inclusief twee Ophicleïdes, het blaasinstrument dat in de 19e eeuw vrij veel werd voorgeschreven (niet alleen door Berlioz, maar ook door o.a. Mendelssohn, Verdi en Wagner), maar later door de tuba werd vervangen. Gardiner leidde een rauwe, gedreven uitvoering. Het tempo lag af en toe zo hoog dat er hier en daar wat schoonheidsfoutjes in het orkestspel optraden. Maar beter zo'n energieke dan een matte foutloze uitvoering.