Zondag 3 november 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
L. Andriessen: Mysteriën
R. Strauss: Ein Heldenleben
Het was vandaag precies 125 jaar geleden dat het net gevormde huisorkest van Het Concertgebouw o.l.v. Willem Kes zijn eerste concert gaf. Een echte verjaardag dus, met een wereldpremière en een gouwe ouwe. Toespraken vooraf door directeur Jan Raes en minister-president Rutte, en daarna een gewoon goed concert. Het zesdelige Mysteriën van Louis Andriessen bleek een stemmig stuk, relatief behoudend van klankkleur maar vooral erg subtiel en mystiek. Geen uitersten maar een verzameling fraaie delen die de aandacht vasthielden. Geslaagd en zeker voor een herhaalde uitvoering vatbaar! Doe dat nu eens gewoon: in opdracht gecomponeerde werken herhalen... Het komt nooit voor; raar eigenlijk. Na de pauze een grandioze Heldenleben. De interpretatie van 18 september (zie hier de weblog) werd nu flink verdiept. Het begin was grootser, de tempi trager en de melodielijnen flink meer uitgesponnen. Liviu Prunaru speelde de vioolsolo met groot inlevingsvermogen en technische perfectie. Het is een geweldig stuk, die Heldenleben; het KCO speelt het deze maand nog een keer of acht in Rusland, China, Japan en Australië. Zullen ze het daar ooit mooier te horen krijgen?
Sinds 2006 beschrijf ik hier alle concerten en operavoorstellingen die ik heb bezocht.
03 november 2013
Concert 31 oktober 2013
Donderdag 31 oktober 2013 - Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Veronika Dzhioeva, sopraan
Anna Larsson, alt
Groot Omroepkoor
Nederlands Kamerkoor
Mahler: Symfonie nr. 2
Een heuse hattrick van pauzeloze concerten. Na het Requiem van Verdi, Bruckner 5 nu een evenzeer imposante Mahler 2. Het KCO gaat in november een maand op tournee en in Sint Petersburg en Moskou kunnen ze zich verheugen op een grootse Auferstehung. Nadat Jansons vorig jaar Mahlers Eerste symfonie na enkele jaren weer herhaalde, is het nu de beurt aan de Tweede, die hij in 2009 tijdens de Mahlerserie voor het eerst met het orkest speelde, met groot succes. Zie hier de weblog van die eerste keer, en eigenlijk kan ik daaraan nu weinig toevoegen. Anna Larsson zong het Urlicht onaards mooi en verder speelde er een orkest in topvorm dat het publiek ruim anderhalf uur in opperste concentratie gevangen hield. Het staat hier keer op keer weer, mijn huldeblijken aan het KCO, maar het nivelleert geenszins. Ieder concert is voor mij een belevenis. En zo hoort het te blijven!
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Veronika Dzhioeva, sopraan
Anna Larsson, alt
Groot Omroepkoor
Nederlands Kamerkoor
Mahler: Symfonie nr. 2
Een heuse hattrick van pauzeloze concerten. Na het Requiem van Verdi, Bruckner 5 nu een evenzeer imposante Mahler 2. Het KCO gaat in november een maand op tournee en in Sint Petersburg en Moskou kunnen ze zich verheugen op een grootse Auferstehung. Nadat Jansons vorig jaar Mahlers Eerste symfonie na enkele jaren weer herhaalde, is het nu de beurt aan de Tweede, die hij in 2009 tijdens de Mahlerserie voor het eerst met het orkest speelde, met groot succes. Zie hier de weblog van die eerste keer, en eigenlijk kan ik daaraan nu weinig toevoegen. Anna Larsson zong het Urlicht onaards mooi en verder speelde er een orkest in topvorm dat het publiek ruim anderhalf uur in opperste concentratie gevangen hield. Het staat hier keer op keer weer, mijn huldeblijken aan het KCO, maar het nivelleert geenszins. Ieder concert is voor mij een belevenis. En zo hoort het te blijven!
29 oktober 2013
Concert 25 oktober 2013
Vrijdag 25 oktober 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Nikolaus Harnoncourt
Bruckner: Symfonie nr. 5
In april 2012 dacht ik dat de uitvoeringen van Beethovens Missa solemnis met Harnoncourt zijn laatste hier in Amsterdam zouden zijn; dat had hij toen in een interview in de krant verklaard. Zie hier en hier de weblogs van de twee concerten die ik toen bijwoonde. Groot mijn vreugde toen dit concert opeens in de abonnementenbrochure stond en het openingsconcert van mijn eigen D-serie vormde. De Vijfde van Bruckner is een apart stuk en Harnoncourt heeft daarvan stellig de mooiste cd-opname gemaakt, die ik ooit eens in een weblog besprak (zie hier). Deze uitvoering leek daar totaal niet op; het was een bijzondere, interessante en compleet verrassende interpretatie die volledig verschilde van alle andere uitvoeringen die ik ooit hoorde. Twee citaten uit de recensies uit de NRC en het Parool karakteriseren de uitvoering goed. Eerst Bas van Bommel in de NRC: Het is dan ook de vraag wat van Harnoncourtts Bruckner bij zal blijven. Haar lichtheid en transparantie? Of haar afstandelijkheid en gebrek aan emotioneel engagement? Dan Roeland Hazendonk in het Parool: Harnoncourt maakt van Bruckner niet de grote romanticus die aan Mahler voorafging, noch de ziekelijke, naar Wagner opkijkende Oostenrijkse provinciaal voor wie hij vaak wordt versleten. Ook de katholieke kathedralenbouwer bleef fijn achterwege. Met het Concertgebouworkest in topvorm werd Bruckner een componist met een moderne vormopvatting, die prachtige, grote lijnen trok, maar nooit traag of breedsprakig werd, en die verre bleef van het katholieke sentiment en de burgerlijke biedermeiertrekken die hij bij leven wel degelijk had. Tja, de NRC besteedt tegenwoordig meer aandacht aan het bespreken van flessen wijn dan aan goede culturele inzichten. Ach, hoe dan ook: het was een onvergetelijk concert, met een doodstille zaal die na afloop ontplofte en Harnoncourt grandioos toejuichte.
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Nikolaus Harnoncourt
Bruckner: Symfonie nr. 5
In april 2012 dacht ik dat de uitvoeringen van Beethovens Missa solemnis met Harnoncourt zijn laatste hier in Amsterdam zouden zijn; dat had hij toen in een interview in de krant verklaard. Zie hier en hier de weblogs van de twee concerten die ik toen bijwoonde. Groot mijn vreugde toen dit concert opeens in de abonnementenbrochure stond en het openingsconcert van mijn eigen D-serie vormde. De Vijfde van Bruckner is een apart stuk en Harnoncourt heeft daarvan stellig de mooiste cd-opname gemaakt, die ik ooit eens in een weblog besprak (zie hier). Deze uitvoering leek daar totaal niet op; het was een bijzondere, interessante en compleet verrassende interpretatie die volledig verschilde van alle andere uitvoeringen die ik ooit hoorde. Twee citaten uit de recensies uit de NRC en het Parool karakteriseren de uitvoering goed. Eerst Bas van Bommel in de NRC: Het is dan ook de vraag wat van Harnoncourtts Bruckner bij zal blijven. Haar lichtheid en transparantie? Of haar afstandelijkheid en gebrek aan emotioneel engagement? Dan Roeland Hazendonk in het Parool: Harnoncourt maakt van Bruckner niet de grote romanticus die aan Mahler voorafging, noch de ziekelijke, naar Wagner opkijkende Oostenrijkse provinciaal voor wie hij vaak wordt versleten. Ook de katholieke kathedralenbouwer bleef fijn achterwege. Met het Concertgebouworkest in topvorm werd Bruckner een componist met een moderne vormopvatting, die prachtige, grote lijnen trok, maar nooit traag of breedsprakig werd, en die verre bleef van het katholieke sentiment en de burgerlijke biedermeiertrekken die hij bij leven wel degelijk had. Tja, de NRC besteedt tegenwoordig meer aandacht aan het bespreken van flessen wijn dan aan goede culturele inzichten. Ach, hoe dan ook: het was een onvergetelijk concert, met een doodstille zaal die na afloop ontplofte en Harnoncourt grandioos toejuichte.
Concert 27 september 2013
Vrijdag 27 september 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Aga Mikolaj, sopraan
Olesya Petrova, mezzosopraan
Dimitri Pittas, tenor
Yuri Vorobiev, bas
Groot Omroepkoor
Vlaams Radio Koor
Verdi: Messa da Requiem
Het Requiem van Verdi is een meesterwerk, en alle kanttekeningen over dat het een halve opera zou zijn vind ik flauwekul. Alsof er een muzikale wet is dat voorschrijft dat een bepaald genre niet op een ander genre mag lijken! Iedereen heeft het recht een werk niet mooi of aantrekkelijk, of ronduit lelijk te vinden, maar dat is moeilijk bij dit Requiem: het is gewoon van begin tot einde mooi, mooier, mooist! De eerste en laatste keer dat ik dit werk live hoorde was in in mei 2001 o.l.v. Chailly, en ik kan me die uitvoering nog goed herinneren, juist vanwege de indruk die dit Requiem maakt. Zo ook deze avond. De koren zongen prachtig, de solisten (met name de dames) waren perfect bij stem en Jansons en het KCO pakten lekker uit. En dan die overgang van het Dies Irae naar het Tuba mirum: het koper is hier angstaanjagend - wie blijft hierbij nu onbewogen?
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Aga Mikolaj, sopraan
Olesya Petrova, mezzosopraan
Dimitri Pittas, tenor
Yuri Vorobiev, bas
Groot Omroepkoor
Vlaams Radio Koor
Verdi: Messa da Requiem
Het Requiem van Verdi is een meesterwerk, en alle kanttekeningen over dat het een halve opera zou zijn vind ik flauwekul. Alsof er een muzikale wet is dat voorschrijft dat een bepaald genre niet op een ander genre mag lijken! Iedereen heeft het recht een werk niet mooi of aantrekkelijk, of ronduit lelijk te vinden, maar dat is moeilijk bij dit Requiem: het is gewoon van begin tot einde mooi, mooier, mooist! De eerste en laatste keer dat ik dit werk live hoorde was in in mei 2001 o.l.v. Chailly, en ik kan me die uitvoering nog goed herinneren, juist vanwege de indruk die dit Requiem maakt. Zo ook deze avond. De koren zongen prachtig, de solisten (met name de dames) waren perfect bij stem en Jansons en het KCO pakten lekker uit. En dan die overgang van het Dies Irae naar het Tuba mirum: het koper is hier angstaanjagend - wie blijft hierbij nu onbewogen?
22 oktober 2013
Norma
Het is al vele jaren geleden dat ik hier een cd besprak. En ofschoon ik nog nauwelijks cd's koop, vind ik de laatste aanschaf toch echt het vermelden waard. Er zijn al veel tegengestelde meningen op internet over te vinden: de opname van Norma van Bellini, met Cecilia Bartoli in de titelrol. Als een opname überhaupt zoveel tongen losmaakt dan is-i sowieso al koopwaardig. Ik gooide er een kleine 30 euro tegenaan en kocht het fraai vormgegeven cd-boekje met in de kaften de twee cd's. Ik hoorde La Bartoli ooit eens twee keer live (de laatste keer hier), en zij doet de eeuwige Norma's van Callas en Sutherland niet vergeten. De wendbaarheid van haar stem is ongeëvenaard, maar een lang aangehouden toon lukt haar niet of nauwelijks. Dat gebibber en het somtijds overarticuleren doen je terugverlangen naar Sutherland. Maar goed, toch imponeert La Bartoli, en Casta Diva is absoluut interessant. De duetten met Sumi Jo zijn grandioos. Maar dan: in haar gang naar de brandstapel verslaat ze Callas en Sutherland in intensiteit en verschroeiende ellende. Ze huilt hier zingend!
Deze opname is echter werkelijk onmisbaar door het fantastische aandeel van het Orchestra la Scintilla o.l.v. Giovanni Antonini. Nu snap ik waarom deze dirigent al twee keer bij het KCO te gast was! Hij brengt een detaillering aan die je oren gespitst houden. De aanloop naar Casta Diva, het begin van de tweede akte, het geweldig gezongen en begeleide Guerrieri Galli en dat brandstapel-slot: mooier werd dit niet eerder gespeeld. Hoe in dit slot de fluit mengt met de stemmen: het behoort al tot de mooiste samenklanken die ik ooit hoorde en bij de eerste beluistering sprongen de tranen me spontaan in de ogen. Door Bartoli en Jo een interessante uitgave, door Antonini een must-have!
13 oktober 2013
Concert 25 september 2013
Woensdsag 25 september 2013, Concertgebouw Amsterdam
Orchestra Mozart o.l.v. Bernard Haitink
Maria Joao Pires, piano
Beethoven; Ouverture Leonore nr. 2
Beethoven: Pianoconcert nr. 2
Beethoven: Symfonie nr. 4
Beethoven: Ouverture Egmont
Het was het concert van de wijzigingen en afzeggingen. Volgens de seizoensfolder en Preludium zou het Orchestra Mozart gedirigeerd worden door zijn oprichter Claudio Abbado die achtereenvolgens Haydns Londense symfonie nr. 104, Mozarts pianoconcert nr. 9 en Beethovens 4e symfonie zou dirigeren, met Martha Argerich als soliste. Een evenement natuurlijk, want Abbado had sinds eind jaren negentig niet meer in het Concertgebouw gedirigeerd en ook de optredens van Argerich worden schaarser en schaarser. Een maand voor het concert kreeg ik een brief thuis waarin een programmawijziging werd aangekondigd. Haydn en Mozart vervielen; het zou nu een volledig Beethoven-programma worden met voor de pauze de Leonore-ouverture nr. 2 en het Eerste pianoconcert. De Vierde bleef staan. Enkele dagen voor het concert weer een brief: Abbado moest wegens ziekte verstek laten gaan, en Argerich besloot daarom ook maar niet te komen. Haitink en Pires zouden het concert overnemen; de ouverture en de symfonie bleven op het programma, het Eerste pianoconcert werd vervangen door het Tweede. En zo geschiedde. Het werd een geweldig Beethoven-programma waarin Haitink zijn krachtige en dwingende kijk op Beethoven voortzette zoals die ook tijdens zijn cyclus met het Chamber Orchestra of Europe in 2011 en 2012 zo verraste, en waarbij de samenwerking met de soepel spelende Pires ideaal was. Hoogtepunt van de avond was de Vierde; het slotdeel klonk wervelender dan ooit. En Haitink had er zin in; als toegift klonk de briljant gespeelde Egmont-ouverure. Abbado en Argerich waren volledig vergeten.
25 september 2013
Concert 18 september 2013
Woensdag 18 september 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons
Emanuel Ax, piano
Beethoven: Pianoconcert nr. 3
R. Strauss: Ein Heldenleben
Mijn muziekseizoen komt een beetje langzaam op gang, maar tot nu toe wel met louter grootse concerten. En dit eerste abonnementsconcert van het KCO waar ik een los kaartje voor had gekocht, bleek wederom een topper. Beethovens Derde pianoconcert en Strauss' Heldenleben worden niet tot hun allersterkste stukken in hun genre gerekend, maar voor mij zijn het favorieten. Heerlijk, zo'n concert waarvan je (zowat) iedere noot kent en dan toch volledig wordt verrast door de kwaliteit en frisheid van de uitvoeringen. Het Derde pianoconcert werd spannend, subtiel en prachtig homogeen gespeeld. Ax, Jansons en het orkest maakten er een onnavolgbaar lesje samenspelen van. De zaal luisterde ademloos, en terecht! Met Ein Heldenleben gaf Jansons in 2004 als debuterende chef-dirigent zijn visitekaartje af; de opname op RCO-live belandt regelmatig in mijn cd-speler en deze herhaling deed aan kwaliteit daar niet voor onder. Vol, krachtig, groots. Hier en daar nog wat kleine oneffenheidjes, maar bij de verjaardagsuitvoering in november zal alles volledig perfect zijn. Ik kijk er nu al naar uit! De foto komt van de Facebookpagina van het KCO, genomen enkele dagen na deze uitvoering tijdens de mini-tournee naar Boekarest.
15 september 2013
Opera 12 september 2013
Donderdag 12 september 2013, Het muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera
Wagner: Siegfried
Siegfried - Stephen Gould
Mime - Wolfgang Ablinger-Sperrhacke
Wanderer - Thomas Johannes Mayer
Alberich - Werner van Mechelen
Fafner - Hendrik Rootering
Erda - Marina Prudenskaja
Brünnhilde - Catherine Naglestad
De vorige voorstellingenreeks van deze Siegfried-productie is dan wel vele jaren geleden, het toneelbeeld zat nog goed in mijn geheugen. Ik had deze productie sinds het begin van de Ring-voorstellingen in Amsterdam dan ook al minimaal een keer of tien gezien. Het is een geniale uitbeelding, helder, in lijn met het verhaal, en ondanks de grote ruimte toch heel intiem. Vroeger zag ik altijd wat tegen deze opera op, maar het is een minstens zo goed en aantrekkelijk werk als Die Walküre. Dat slotduet van een half uur van Siegfried en Brünnhilde is een beetje een moetje, maar verder rijgt Wagner hoogtepunt aan hoogtepunt in dit stuk. Deze uitvoering was de beste die ik live ooit hoorde. Stephen Gould bleek een fenomenale titelheld, die het met zijn krachtige en welluidende stem tot het slot uitstekend volhield. Ook de andere rollen bleken uitstekend bezet; dit was gewoonweg een prachtige Siegfried. Er resteren nog twee voorstellingen deze week, maar dan ben ik helaas verhinderd. Wellicht dat ik van de cyclus-uitvoeringen begin 2014 nog een extra Siegfried meepak...
27 augustus 2013
Concert 24 augustus 2013
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Antonio Pappano Joseph Calleja, tenor
Verdi: Ouverture La forza del destino
Massenet: Uit Werther 'Pourquoi meréveiller?'
Puccini: Uit Tosca 'E lecevan le stelle'
Puccini: Uit Manon Lescaut Intermezzo 3e akte
Verdi: Uit Rigoletto 'La donna è mobile
Puccini: Uit Turandot 'Nessun dorma'
Lara: Granada
Tsjaikovski: Ouverturen 1812
Aan de Amsterdamse grachten
Ach, wat moet ik over dit concert schrijven? Ik gooide het een tijdje voor dit concert in de vriendengroep: als we nu eens met het bootje van M & N een poging zouden ondernemen om voor het podium terecht te komen. Enfin, op vrijdagochtend vroeg voer N naar de Prinsengracht en lag op een goede uitgangspositie. 's Avonds aten we pizza op de boot, met achter de brug een repeterend KCO. Ik moest op zaterdag naar een conferentie, maar de organisatie had N een goed startnummer uitgereikt en rond het middaguur mocht hij onder de brug naar zijn plek voor het podium varen. 's Avond werden we rond acht uur op een (niet voorspelde) hoosbui getrakteerd, maar toen tegen half tien het KCO aantrad werd het droog. En toen volgde een concert om nooit meer te vergeten. Calleja zong fantastisch en het KCO speelde de sterren van de hemel. Bootgenoten die het orkest nog nooit eerder live hadden gehoord, waren helemaal van slag van de kwaliteit. Maar ik ook: dat breekbare begin van het Intermezzo uit Manon Lescaut: het werd doodstil op de gracht. Zoek het allemaal maar gewoon op via deze link hier. Een grandioze avond.
25 augustus 2013
Concert 22 augustus 2013
Donderdag 22 augustus 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Daniele Gatti
Yefim Bronfman, piano
Lutoslawski: Musique funébre
Bartók: Pianoconcert nr. 3
Prokofiev: Delen uit Romeo en Julia
Warme zonnige zomers zijn altijd fijn, maar als aan het einde van augustus het concertseizoen begint en het KCO weer voltallig op het podium zit, geeft dat toch ook een gelukkig gevoel. Ik heb lang getwijfeld of ik voor dit ogenschijnlijk niet al te soepele programma een kaartje zou kopen, maar de lange onderbreking sinds het vorige concert dwong me naar de Grote Zaal. Ik werd bepaald niet teleurgesteld, integendeel. Dit was gewoonweg een prachtige avond, met boeiende stukken en met een orkest dat als volledig ingespeeld klonk. De treurmuziek van Lutoslawski bleek een krachtig stuk voor een flink ensemble strijkers, dat breekbaar begon, steeds verder uitdijde en uiteindelijk weer wegstierf. Heerlijk hoe de KCO-strijkers zich lieten gaan! Het derde pianoconcert van Bartók is eigenlijk zijn meest toegankelijke en ook wel zijn mooiste. In de eerste twee delen buitelen orkest en pianist subtiel over elkaar heen. Bronfman en het orkest maakten er een fijnzinnig onderling spelletje muzikaal kietelen van. Bronfman heeft een gigantische lichaamsomvang, maar hij beweegt zijn vingers over de toetsen als het lieftalligste meisje. Na de pauze een ruime selectie van ongeveer een uur uit Prokofievs balletmuziek van Romeo en Julia. Ook Prokofiev is in dit stuk op zijn toegankelijkst. Bijzonder fraai en virtuoos gespeeld allemaal, onder leiding van een bezielende Gatti, met groot publieke bijval na afloop. Lekker begin zo!
28 juli 2013
Stilte
Weblogs behoren bijgehouden te worden, maar ik heb even geen nieuwe concerten of operavoorstellingen te melden. De laatste was alweer ruim een maand geleden, en de eerstvolgende staat pas op 12 september gepland. Misschien doe ik hier intussen nog wel een uitstapje naar een cd-bespreking of een greep uit de oude doos, maar verder is het even doorbijten deze zomer :-)
16 juni 2013
Opera 13 juni 2013
Donderdag 13 juni 2013, Het muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera
Wagner: Die Meistersinger von Nürnberg
Sachs - James Johnson
Pogner - Alastair Miles
Beckmesser - Adrian Eröd
Kothner - Thomas Oliemans
Walther von Stolzing - Roberto Saccà
David - Thomas Blondelle
Eva - Agneta Eichenholz
Magdalene - Sarah Castle
Koor van de Nederlandse Opera
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht
Binnen een week na mijn eerste bezoek nu de tweede keer naar Die Meistersinger. Het orkest was duidelijk wat meer vergroeid met het stuk; verder liet de uitvoering dezelfde indruk na. Wat een heerlijk stuk is deze opera toch. Hoe alle lijnen aan het slot van de eerste akte bijeenkomen: meesterlijk. De nachtelijke intimiteit aan het begin van de tweede, de wijze waarop aan het einde van dat tweede bedrijf dat stomme liedje van Beckmesser uitgroeit tot een heerlijke inhaker en daarna het chaotische volksoproer, en in de derde akte de prelude, de Wahn-vertelling van Sachs, zijn verwijzing naar Tristan und Isolde en de positie van koning Marke, het kwintet en alles wat erna volgt: het is Wagner op zijn best. Verder situeert hij in het laat-middeleeuwse Neurenberg een verhaal dat veel tijdloze elementen in zich draagt en dus ook nu nog voldoende inhoudelijke kracht bezit. Tja, een geweldige opera!
Opera 7 juni 2013
Vrijdag 7 juni 2013, Het muziektheater Amsterdam
De Nederlandse Opera
Wagner: Die Meistersinger von Nürnberg
Sachs - James Johnson
Pogner - Alastair Miles
Beckmesser - Adrian Eröd
Kothner - Thomas Oliemans
Walther von Stolzing - Roberto Saccà
David - Thomas Blondelle
Eva - Agneta Eichenholz
Magdalene - Sarah Castle
Koor van de Nederlandse Opera
Nederlands Philharmonisch Orkest o.l.v. Marc Albrecht
Sommige recensenten konden de humor in dit werk niet waarderen (of herkenden die blijkbaar niet eens), maar ik vind het een van de grappigste opera's die er zijn. Het is allemaal uiterst subtiel en perfect gedoseerd, want er komt ook een hoop dramatiek en filosofie in voor. De teksten in deze opera doen er veelal toe, ondanks die laatste minuten waarin de Duitse kunst wel erg opvallend opgehemeld wordt. Maar goed, Die Meisersinger is een favoriete opera en deze nieuwe productie is weliswaar niet op alle fronten geslaagd maar interessant genoeg. De regie van David Alden is er niet eentje voor de eeuwigheid, maar brengt wel enkele ijzersterke gezichtspunten. De uitbeelding van Beckmesser als verwaande dandy is meesterlijk, evenals de visuele gelaagdheid in de eerste en tweede akte. Het slot daarvan had wat minder statisch gemogen en ook het feest aan het einde van het derde bedrijf had losser en minder karikaturaal gekund. Maar je kijkt wel je ogen uit; sowieso positief is dat Alden de verhaallijn volgt en uitbeeldt. De zangers presteerden goed maar niet uitzonderlijk. James Johnson imponeert niet echt als Hans Sachs; volgens mij is hij aan het einde van zijn carrière beland. Zijn innemende uitbeelding vergoedt wel veel (maar hoe jammer dat Robert Holl hier nu niet eens stond). Roberto Saccà zingt een prima Stolzing en Eichenholz is een zeer fraaie Eva. In het orkest zat bij deze tweede uitvoering van de reeks nog niet alles perfect in de vingers, maar de balans met de zangers en het koor was goed. Geen ultiem perfecte Meistersinger, maar ik heb de ruim vier uren muziek geboeid doorgebracht.
14 juni 2013
Concert 30 mei 2013
Donderdag 30 mei 2013, Concertgebouw Amsterdam
Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Iván Fischer
Beethoven: Symfonie nr. 4
Beethoven: Symfonie nr. 3
Drie weken na zijn prachtige eerste concert in zijn Beethoven-cyclus met het KCO een minstens zo geweldig vervolg met de Derde en Vierde. Het is natuurlijk onzinig om hier het meesterlijke van die symfonieën te beschrijven. Woorden schieten per definitie tekort. Hoe geniaal en bekend die Eroïca ook is, de Vierde is me minstens zo dierbaar; ik denk dat ik deze symfonie al veel eerder leerde kennen dan die Derde. De langzame inleiding van het eerste deel is een mysterie, en mag eigenlijk niet de start van een concert vormen. De boel zit koud binnen moet er nog even inkomen, en dan meteen de drie meest diepzinnige muzikale minuten van de hele avond. Het is een van de weinige stukjes muziek waar het thuisbeluisteren het wint van de concertzaal. Maar goed, de rest van die Vierde is evenzeer niet te versmaden, en Fischer en het KCO gaven een geweldige uitvoering, vol detailwerking, finesse en virtuositeit. Ik zat op het puntje van mijn stoel! Na de pauze de Eroïca, tja, wat wil je nog meer? Het is een stuk van bijna een uur en combineert emotie, architectuur en persoonlijkheid. Ook hier bleek Fischer een groot dirigent; alleen Harnoncourt bracht lang geleden eens een hemelbestormender uitvoering. Ik kijk al uit naar de twee concerten met de laatste vier symfonieën, begin 2014. De kaartjes zijn in huis.
Opera 26 mei 2013
Zondag 26 mei 2013, Het Muziektheater
De Nederlandse Opera
Verdi: La traviata
Violetta - Joyce el Khoury
Alfredo - Ismael Jordi
Germont - Dimitris Tiliakos
Koor van de Nederlandse Opera
Radio Kamer Filharmonie o.l.v. Giuliano Carella
Ruim een week na mijn vorige bezoek nog eens naar de Traviata. Het was gewoon precies even goed als de keer ervoor. Prima zangers, een dirigent die het idee logenstrafte dat we deze muziek zo onderhand wel van noot tot noot meenden te kennen, en een enscenering waarvan weinigen het ermee oneens zullen zijn wanneer deze tot gouden standaard wordt verheven. La traviata is een onbetwist meesterwerk. Misschien zit ik er helemaal naast, maar de ijle strijkersklank die Verdi in de ouverture realiseert, en al helemaal in de inleiding tot de derde akte, deed me opeens denken aan die van Lohengrin van Wagner. Beide opera's onstonden kort na elkaar: Lohengrin werd in 1850 voor het eerst uitgevoerd, La traviata in 1854. Het zou me niets verbazen wanneer Verdi door Lohengrin op een muzikaal idee kwam. Inhoudelijk is er geen enkele overeenkomst tussen beide opera's, maar die sfeer in de ouvertures vind ik opmerkelijk overeenstemmen.
Abonneren op:
Posts (Atom)















